سورة النحل
Soera An-Nahl in het Nederlands
De bijen
- 16
- 128 verzen
- Mekkaans
- Juz 14
- Pagina’s 267–281
Mishary Rashid AlafasyMP3 downloadenPDF downloaden
Soera An-Nahl (النحل) is de 16e soera van de Koran en telt 128 verzen. De naam betekent ‘De bijen’. Het is een Mekkaanse soera, geopenbaard in Mekka vóór de Hidjra, en ze staat in juz 14.
Op deze pagina lees je soera An-Nahl volledig in het Arabisch, vers voor vers met de Nederlandse vertaling van het Dutch Islamic Center en de transliteratie, en kun je naar de recitatie luisteren.
Soera An-Nahl volledig: Arabisch, Nederlandse vertaling en transliteratie
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَـٰنِ ٱلرَّحِيمِ
-
أَتَىٰٓ أَمْرُ ٱللَّهِ فَلَا تَسْتَعْجِلُوهُ ۚ سُبْحَـٰنَهُۥ وَتَعَـٰلَىٰ عَمَّا يُشْرِكُونَ١
Ata amru Allahi fala tastaʿjiloohu subhanahu wataʿala ʿamma yushrikoona
Het bevel van Allah is tot jullie gekomen, probeer het dus niet te versnellen. Verheerlijkt en verheven is Hij boven alles wat zij als deelgenoten aan Hem toekennen.
-
يُنَزِّلُ ٱلْمَلَـٰٓئِكَةَ بِٱلرُّوحِ مِنْ أَمْرِهِۦ عَلَىٰ مَن يَشَآءُ مِنْ عِبَادِهِۦٓ أَنْ أَنذِرُوٓا۟ أَنَّهُۥ لَآ إِلَـٰهَ إِلَّآ أَنَا۠ فَٱتَّقُونِ٢
Yunazzilu almalaikata bialrroohi min amrihi ʿala man yashao min ʿibadihi an anthiroo annahu la ilaha illa ana faittaqooni
Hij stuurt de engelen naar beneden met zijn bevel voor wie Hij wil (zeggende): “Waarschuw de mensheid dat geen het recht heeft aanbeden te worden behalve Ik, vrees Mij dus."
-
خَلَقَ ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضَ بِٱلْحَقِّ ۚ تَعَـٰلَىٰ عَمَّا يُشْرِكُونَ٣
Khalaqa alssamawati waalarda bialhaqqi taʿala ʿamma yushrikoona
Hij schiep de hemelen en de aarde in de waarheid. Hoog is Hij verheven boven alles wat zij als deelgenoten aan Hem toekennen.
-
خَلَقَ ٱلْإِنسَـٰنَ مِن نُّطْفَةٍ فَإِذَا هُوَ خَصِيمٌ مُّبِينٌ٤
Khalaqa alinsana min nutfatin faitha huwa khaseemun mubeenun
Hij schiep de mens van een mengsel van een waterdruppel vervolgens dezelfde (mens) wordt een duidelijke tegenstander.
-
وَٱلْأَنْعَـٰمَ خَلَقَهَا ۗ لَكُمْ فِيهَا دِفْءٌ وَمَنَـٰفِعُ وَمِنْهَا تَأْكُلُونَ٥
Waalanʿama khalaqaha lakum feeha difon wamanafiʿu waminha takuloona
En het vee, Hij schiep het voor jullie; in hen is warmte en talloze voordelen en van hen eten jullie.
-
وَلَكُمْ فِيهَا جَمَالٌ حِينَ تُرِيحُونَ وَحِينَ تَسْرَحُونَ٦
Walakum feeha jamalun heena tureehoona waheena tasrahoona
En waar schoonheid voor jullie in is, als jullie hen in de avond naar huis brengen en jullie hen in de ochtend naar de weide leiden.
-
وَتَحْمِلُ أَثْقَالَكُمْ إِلَىٰ بَلَدٍ لَّمْ تَكُونُوا۟ بَـٰلِغِيهِ إِلَّا بِشِقِّ ٱلْأَنفُسِ ۚ إِنَّ رَبَّكُمْ لَرَءُوفٌ رَّحِيمٌ٧
Watahmilu athqalakum ila baladin lam takoonoo baligheehi illa bishiqqi alanfusi inna rabbakum laraoofun raheemun
En zij dragen jullie lasten naar een land dat jullie niet kunnen bereiken behalve met grote moeilijkheden voor jullie zelf. Waarlijk, jullie Heer is meest zachtaardig meest genadevol.
-
وَٱلْخَيْلَ وَٱلْبِغَالَ وَٱلْحَمِيرَ لِتَرْكَبُوهَا وَزِينَةً ۚ وَيَخْلُقُ مَا لَا تَعْلَمُونَ٨
Waalkhayla waalbighala waalhameera litarkabooha wazeenatan wayakhluqu ma la taʿlamoona
En (Hij heeft) paarden, muildieren en ezels voor jullie (geschapen) om op te rijden en als sierstuk. En Hij schept (andere) zaken waar jullie geen kennis van hebben.
-
وَعَلَى ٱللَّهِ قَصْدُ ٱلسَّبِيلِ وَمِنْهَا جَآئِرٌ ۚ وَلَوْ شَآءَ لَهَدَىٰكُمْ أَجْمَعِينَ٩
Waʿala Allahi qasdu alssabeeli waminha jairun walaw shaa lahadakum ajmaʿeena
En het is Allah om het Rechte Pad uit te leggen maar er zijn wegen die daar van afdwalen. En als Hij gewild had, had Hij hen allen kunnen leiden.
-
هُوَ ٱلَّذِىٓ أَنزَلَ مِنَ ٱلسَّمَآءِ مَآءً ۖ لَّكُم مِّنْهُ شَرَابٌ وَمِنْهُ شَجَرٌ فِيهِ تُسِيمُونَ١٠
Huwa allathee anzala mina alssamai maan lakum minhu sharabun waminhu shajarun feehi tuseemoona
Hij is het Die het water neerzendt uit de hemel; waarvan jullie drinken en waarvan de planten groeien op de weide waar jullie je vee op sturen.
-
يُنۢبِتُ لَكُم بِهِ ٱلزَّرْعَ وَٱلزَّيْتُونَ وَٱلنَّخِيلَ وَٱلْأَعْنَـٰبَ وَمِن كُلِّ ٱلثَّمَرَٰتِ ۗ إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَـَٔايَةً لِّقَوْمٍ يَتَفَكَّرُونَ١١
Yunbitu lakum bihi alzzarʿa waalzzaytoona waalnnakheela waalaʿnaba wamin kulli alththamarati inna fee thalika laayatan liqawmin yatafakkaroona
Daarom laat Hij voor jullie de oogst groeien, de olijven, de dadelpalen, de druiven en alle soorten fruit. Waarlijk! Hierin is zeker een duidelijk bewijs en een openlijk teken voor de mensen die nadenken.
-
وَسَخَّرَ لَكُمُ ٱلَّيْلَ وَٱلنَّهَارَ وَٱلشَّمْسَ وَٱلْقَمَرَ ۖ وَٱلنُّجُومُ مُسَخَّرَٰتٌۢ بِأَمْرِهِۦٓ ۗ إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَـَٔايَـٰتٍ لِّقَوْمٍ يَعْقِلُونَ١٢
Wasakhkhara lakumu allayla waalnnahara waalshshamsa waalqamara waalnnujoomu musakhkharatun biamrihi inna fee thalika laayatin liqawmin yaʿqiloona
En Hij heeft voor jullie de nacht en de dag aan jullie dienstbaar gemaakt en de zon en de maan en de sterren zijn door Zijn bevel ook dienstbaar gemaakt. Zeker, hierin zijn bewijzen voor een volk dat begrijpt.
-
وَمَا ذَرَأَ لَكُمْ فِى ٱلْأَرْضِ مُخْتَلِفًا أَلْوَٰنُهُۥٓ ۗ إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَـَٔايَةً لِّقَوْمٍ يَذَّكَّرُونَ١٣
Wama tharaa lakum fee alardi mukhtalifan alwanuhu inna fee thalika laayatan liqawmin yaththakkaroona
En wat Hij voor jullie geschapen heeft op deze aarde van verschillende kleuren. Waarlijk! Hierin is een teken voor een volk dat zich herinnert.
-
وَهُوَ ٱلَّذِى سَخَّرَ ٱلْبَحْرَ لِتَأْكُلُوا۟ مِنْهُ لَحْمًا طَرِيًّا وَتَسْتَخْرِجُوا۟ مِنْهُ حِلْيَةً تَلْبَسُونَهَا وَتَرَى ٱلْفُلْكَ مَوَاخِرَ فِيهِ وَلِتَبْتَغُوا۟ مِن فَضْلِهِۦ وَلَعَلَّكُمْ تَشْكُرُونَ١٤
Wahuwa allathee sakhkhara albahra litakuloo minhu lahman tariyyan watastakhrijoo minhu hilyatan talbasoonaha watara alfulka mawakhira feehi walitabtaghoo min fadlihi walaʿallakum tashkuroona
En Hij is het Die de zee voor jullie dienstbaar gemaakt heeft gemaakt zodat jullie daarvan vers, zacht vlees eten en dat jullie daaruit de sieraden brengen om te dragen. En jullie zien de schepen daardoor ploegen, dat jullie (dus) van Zijn overvloed zoeken en dat jullie dankbaar moge zijn.
-
وَأَلْقَىٰ فِى ٱلْأَرْضِ رَوَٰسِىَ أَن تَمِيدَ بِكُمْ وَأَنْهَـٰرًا وَسُبُلًا لَّعَلَّكُمْ تَهْتَدُونَ١٥
Waalqa fee alardi rawasiya an tameeda bikum waanharan wasubulan laʿallakum tahtadoona
En Hij heeft op de aarde bergen vastgezet die stevig staan zodat jullie niet door elkaar worden geschud en rivieren en wegen zodat jullie geleid zullen worden.
-
وَعَلَـٰمَـٰتٍ ۚ وَبِٱلنَّجْمِ هُمْ يَهْتَدُونَ١٦
Waʿalamatin wabialnnajmi hum yahtadoona
En kenmerken en door de sterren, laten zij (de mensheid) zich de weg wijzen.
-
أَفَمَن يَخْلُقُ كَمَن لَّا يَخْلُقُ ۗ أَفَلَا تَذَكَّرُونَ١٧
Afaman yakhluqu kaman la yakhluqu afala tathakkaroona
Is degene die schept gelijk aan degene die niet schept? Zullen jullie niet nadenken dan?
-
وَإِن تَعُدُّوا۟ نِعْمَةَ ٱللَّهِ لَا تُحْصُوهَآ ۗ إِنَّ ٱللَّهَ لَغَفُورٌ رَّحِيمٌ١٨
Wain taʿuddoo niʿmata Allahi la tuhsooha inna Allaha laghafoorun raheemun
En als jullie de gunsten van Allah willen tellen, jullie zullen nooit in staat zijn hen te tellen. Waarlijk! Allah is meest Vergevend, meest Genadevol.
-
وَٱللَّهُ يَعْلَمُ مَا تُسِرُّونَ وَمَا تُعْلِنُونَ١٩
WaAllahu yaʿlamu ma tusirroona wama tuʿlinoona
En Allah weet wat jullie verbergen en wat jullie tonen.
-
وَٱلَّذِينَ يَدْعُونَ مِن دُونِ ٱللَّهِ لَا يَخْلُقُونَ شَيْـًٔا وَهُمْ يُخْلَقُونَ٢٠
Waallatheena yadʿoona min dooni Allahi la yakhluqoona shayan wahum yukhlaqoona
Degenen die zij aanroepen naast Allah hebben niets geschapen, maar zij zijn zelf geschapen.
-
أَمْوَٰتٌ غَيْرُ أَحْيَآءٍ ۖ وَمَا يَشْعُرُونَ أَيَّانَ يُبْعَثُونَ٢١
Amwatun ghayru ahyain wama yashʿuroona ayyana yubʿathoona
(Zij zijn) dood, levenloos en zij weten niet wanneer zij zullen herrijzen.
-
إِلَـٰهُكُمْ إِلَـٰهٌ وَٰحِدٌ ۚ فَٱلَّذِينَ لَا يُؤْمِنُونَ بِٱلْـَٔاخِرَةِ قُلُوبُهُم مُّنكِرَةٌ وَهُم مُّسْتَكْبِرُونَ٢٢
Ilahukum ilahun wahidun faallatheena la yuminoona bialakhirati quloobuhum munkiratun wahum mustakbiroona
Jullie god is één God. Geen heeft het recht aanbeden te worden behalve Hij. Maar degenen die niet in het Hiernamaals geloven, hun harten ontkennen en zij zijn trots.
-
لَا جَرَمَ أَنَّ ٱللَّهَ يَعْلَمُ مَا يُسِرُّونَ وَمَا يُعْلِنُونَ ۚ إِنَّهُۥ لَا يُحِبُّ ٱلْمُسْتَكْبِرِينَ٢٣
La jarama anna Allaha yaʿlamu ma yusirroona wama yuʿlinoona innahu la yuhibbu almustakbireena
Zeker, Allah weet wat zij verbergen en wat zij tonen. Waarlijk, Hij houdt niet van de hoogmoedigen.
-
وَإِذَا قِيلَ لَهُم مَّاذَآ أَنزَلَ رَبُّكُمْ ۙ قَالُوٓا۟ أَسَـٰطِيرُ ٱلْأَوَّلِينَ٢٤
Waitha qeela lahum matha anzala rabbukum qaloo asateeru alawwaleena
En als er tegen hen gezegd wordt: “Wat is het dat jullie Heer neer heeft gezonden?” Zeggen zij: “Legendes van de ouderen!”
-
لِيَحْمِلُوٓا۟ أَوْزَارَهُمْ كَامِلَةً يَوْمَ ٱلْقِيَـٰمَةِ ۙ وَمِنْ أَوْزَارِ ٱلَّذِينَ يُضِلُّونَهُم بِغَيْرِ عِلْمٍ ۗ أَلَا سَآءَ مَا يَزِرُونَ٢٥
Liyahmiloo awzarahum kamilatan yawma alqiyamati wamin awzari allatheena yudilloonahum bighayri ʿilmin ala saa ma yaziroona
Zij zullen op de Dag der Opstanding hun eigen last volledig dragen en ook de last van degenen die zij zonder kennis misleiden. Slecht is het zeker wat zij zullen dragen!
-
قَدْ مَكَرَ ٱلَّذِينَ مِن قَبْلِهِمْ فَأَتَى ٱللَّهُ بُنْيَـٰنَهُم مِّنَ ٱلْقَوَاعِدِ فَخَرَّ عَلَيْهِمُ ٱلسَّقْفُ مِن فَوْقِهِمْ وَأَتَىٰهُمُ ٱلْعَذَابُ مِنْ حَيْثُ لَا يَشْعُرُونَ٢٦
Qad makara allatheena min qablihim faata Allahu bunyanahum mina alqawaʿidi fakharra ʿalayhimu alssaqfu min fawqihim waatahumu alʿathabu min haythu la yashʿuroona
Zij voor hen hebben zeker samengespannen, maar Allah heeft de fundering van hun gebouw verwoest en toen viel het dak op hen, van boven hen en de bestraffing kwam over hen maar zij beseften het niet.
-
ثُمَّ يَوْمَ ٱلْقِيَـٰمَةِ يُخْزِيهِمْ وَيَقُولُ أَيْنَ شُرَكَآءِىَ ٱلَّذِينَ كُنتُمْ تُشَـٰٓقُّونَ فِيهِمْ ۚ قَالَ ٱلَّذِينَ أُوتُوا۟ ٱلْعِلْمَ إِنَّ ٱلْخِزْىَ ٱلْيَوْمَ وَٱلسُّوٓءَ عَلَى ٱلْكَـٰفِرِينَ٢٧
Thumma yawma alqiyamati yukhzeehim wayaqoolu ayna shurakaiya allatheena kuntum tushaqqoona feehim qala allatheena ootoo alʿilma inna alkhizya alyawma waalssooa ʿala alkafireena
Vervolgens, op de Dag der Opstanding zal Hij hen vernederen en zeggen: “Waar zijn Mijn (zogenaamde) deelgenoten waarover jullie van mening verschilden en redetwistten?” Degenen die de kennis is gegeven zullen zeggen: “Waarlijk! Op deze Dag is er vernedering en ellende voor de ongelovigen.”
-
ٱلَّذِينَ تَتَوَفَّىٰهُمُ ٱلْمَلَـٰٓئِكَةُ ظَالِمِىٓ أَنفُسِهِمْ ۖ فَأَلْقَوُا۟ ٱلسَّلَمَ مَا كُنَّا نَعْمَلُ مِن سُوٓءٍۭ ۚ بَلَىٰٓ إِنَّ ٱللَّهَ عَلِيمٌۢ بِمَا كُنتُمْ تَعْمَلُونَ٢٨
Allatheena tatawaffahumu almalaikatu thalimee anfusihim faalqawoo alssalama ma kunna naʿmalu min sooin bala inna Allaha ʿaleemun bima kuntum taʿmaloona
Degene van wie de zielen door de engelen worden weggenomen terwijl zij zichzelf onrecht aandeden. Dan zullen zij in de volledige onderwerping gedwongen worden (zeggende) “Wij hebben geen kwaad gedaan.” (De engelen zullen antwoorden): “Welzeker, Waarlijk Allah is Alwetend van wat jullie gedaan hebben.
-
فَٱدْخُلُوٓا۟ أَبْوَٰبَ جَهَنَّمَ خَـٰلِدِينَ فِيهَا ۖ فَلَبِئْسَ مَثْوَى ٱلْمُتَكَبِّرِينَ٢٩
Faodkhuloo abwaba jahannama khalideena feeha falabisa mathwa almutakabbireena
Ga de poorten van de hel binnen om daarin te verblijven en voorwaar wat een kwade verblijfplaats zal het voor de arroganten zijn.”
-
۞ وَقِيلَ لِلَّذِينَ ٱتَّقَوْا۟ مَاذَآ أَنزَلَ رَبُّكُمْ ۚ قَالُوا۟ خَيْرًا ۗ لِّلَّذِينَ أَحْسَنُوا۟ فِى هَـٰذِهِ ٱلدُّنْيَا حَسَنَةٌ ۚ وَلَدَارُ ٱلْـَٔاخِرَةِ خَيْرٌ ۚ وَلَنِعْمَ دَارُ ٱلْمُتَّقِينَ٣٠
Waqeela lillatheena ittaqaw matha anzala rabbukum qaloo khayran lillatheena ahsanoo fee hathihi alddunya hasanatun waladaru alakhirati khayrun walaniʿma daru almuttaqeena
En (wanneer) er tot degenen die godvrezend zijn gezegd wordt: “Wat is het wat jullie Heer neer heeft gezonden?” Zeggen zij: “Dat wat goed is.” Voor degenen die in deze wereld het goede doen, is er goeds en het huis van het hiernamaals zal beter zijn. En uitmuntend zal het huis zeker zijn van de godvrezenden.
-
جَنَّـٰتُ عَدْنٍ يَدْخُلُونَهَا تَجْرِى مِن تَحْتِهَا ٱلْأَنْهَـٰرُ ۖ لَهُمْ فِيهَا مَا يَشَآءُونَ ۚ كَذَٰلِكَ يَجْزِى ٱللَّهُ ٱلْمُتَّقِينَ٣١
Jannatu ʿadnin yadkhuloonaha tajree min tahtiha alanharu lahum feeha ma yashaoona kathalika yajzee Allahu almuttaqeena
De Tuinen der eeuwigheid zullen zij binnentreden waar rivieren onderdoor stromen, zij zullen daar alles wat zij wensen hebben. Zo beloont Allah de godvrezenden.
-
ٱلَّذِينَ تَتَوَفَّىٰهُمُ ٱلْمَلَـٰٓئِكَةُ طَيِّبِينَ ۙ يَقُولُونَ سَلَـٰمٌ عَلَيْكُمُ ٱدْخُلُوا۟ ٱلْجَنَّةَ بِمَا كُنتُمْ تَعْمَلُونَ٣٢
Allatheena tatawaffahumu almalaikatu tayyibeena yaqooloona salamun ʿalaykumu odkhuloo aljannata bima kuntum taʿmaloona
Degenen van wie de zielen door de engelen in vrome staat (tegen hen) worden weggenomen zeggend: “Vrede zij met jullie, ga het paradijs binnen vanwege datgene wat jullie verricht hebben.”
-
هَلْ يَنظُرُونَ إِلَّآ أَن تَأْتِيَهُمُ ٱلْمَلَـٰٓئِكَةُ أَوْ يَأْتِىَ أَمْرُ رَبِّكَ ۚ كَذَٰلِكَ فَعَلَ ٱلَّذِينَ مِن قَبْلِهِمْ ۚ وَمَا ظَلَمَهُمُ ٱللَّهُ وَلَـٰكِن كَانُوٓا۟ أَنفُسَهُمْ يَظْلِمُونَ٣٣
Hal yanthuroona illa an tatiyahumu almalaikatu aw yatiya amru rabbika kathalika faʿala allatheena min qablihim wama thalamahumu Allahu walakin kanoo anfusahum yathlimoona
Wachten zij (de ongelovigen en de mensen die geloven maar er niet naar handelen) er op dat de engelen tot hen komen, of dat het bevel komt van jullie Heer (het begin van de Dag des oordeels)? Zo hebben degenen voor hen gedaan. En Allah doet hen geen onrecht aan, maar zij doen zichzelf onrecht aan.
-
فَأَصَابَهُمْ سَيِّـَٔاتُ مَا عَمِلُوا۟ وَحَاقَ بِهِم مَّا كَانُوا۟ بِهِۦ يَسْتَهْزِءُونَ٣٤
Faasabahum sayyiatu ma ʿamiloo wahaqa bihim ma kanoo bihi yastahzioona
Dan treft hen de bestraffing als gevolg van hun slechte daden, en datgene wat zij bespotten omringt hen.
-
وَقَالَ ٱلَّذِينَ أَشْرَكُوا۟ لَوْ شَآءَ ٱللَّهُ مَا عَبَدْنَا مِن دُونِهِۦ مِن شَىْءٍ نَّحْنُ وَلَآ ءَابَآؤُنَا وَلَا حَرَّمْنَا مِن دُونِهِۦ مِن شَىْءٍ ۚ كَذَٰلِكَ فَعَلَ ٱلَّذِينَ مِن قَبْلِهِمْ ۚ فَهَلْ عَلَى ٱلرُّسُلِ إِلَّا ٱلْبَلَـٰغُ ٱلْمُبِينُ٣٥
Waqala allatheena ashrakoo law shaa Allahu ma ʿabadna min doonihi min shayin nahnu wala abaona wala harramna min doonihi min shayin kathalika faʿala allatheena min qablihim fahal ʿala alrrusuli illa albalaghu almubeenu
En degenen die deelgenoten in de aanbidding aan Allah toekenden, zeggen: “Als Allah het zo gewild had dan hadden wij noch onze vaders iets anders dan Hem aanbeden, noch hadden wij iets verboden zonder (bevel van) Hem.” Zo hebben degenen vóór hen gedaan. Zijn de boodschappers dan met iets (anders) belast dan het duidelijk verkondigen van de boodschap?
-
وَلَقَدْ بَعَثْنَا فِى كُلِّ أُمَّةٍ رَّسُولًا أَنِ ٱعْبُدُوا۟ ٱللَّهَ وَٱجْتَنِبُوا۟ ٱلطَّـٰغُوتَ ۖ فَمِنْهُم مَّنْ هَدَى ٱللَّهُ وَمِنْهُم مَّنْ حَقَّتْ عَلَيْهِ ٱلضَّلَـٰلَةُ ۚ فَسِيرُوا۟ فِى ٱلْأَرْضِ فَٱنظُرُوا۟ كَيْفَ كَانَ عَـٰقِبَةُ ٱلْمُكَذِّبِينَ٣٦
Walaqad baʿathna fee kulli ommatin rasoolan ani oʿbudoo Allaha waijtaniboo alttaghoota faminhum man hada Allahu waminhum man haqqat ʿalayhi alddalalatu faseeroo fee alardi faonthuroo kayfa kana ʿaqibatu almukaththibeena
En waarlijk, Wij hebben naar iedere gemeenschap een boodschapper gezonden (verkondigend): “Aanbid alleen Allah en vermijd degene die overschrijdt." Dan waren er sommigen van hen die Allah geleid heeft en sommigen waarvoor de dwaling gerechtvaardigd was. Reis dus door het land en zie wat het einde was van degenen die (de waarheid) ontkenden.
-
إِن تَحْرِصْ عَلَىٰ هُدَىٰهُمْ فَإِنَّ ٱللَّهَ لَا يَهْدِى مَن يُضِلُّ ۖ وَمَا لَهُم مِّن نَّـٰصِرِينَ٣٧
In tahris ʿala hudahum fainna Allaha la yahdee man yudillu wama lahum min nasireena
Als jij naar hun leiding hunkert, dan waarlijk leidt Allah niet degenen die Hij laat dwalen. En zij zullen geen helpers hebben.
-
وَأَقْسَمُوا۟ بِٱللَّهِ جَهْدَ أَيْمَـٰنِهِمْ ۙ لَا يَبْعَثُ ٱللَّهُ مَن يَمُوتُ ۚ بَلَىٰ وَعْدًا عَلَيْهِ حَقًّا وَلَـٰكِنَّ أَكْثَرَ ٱلنَّاسِ لَا يَعْلَمُونَ٣٨
Waaqsamoo biAllahi jahda aymanihim la yabʿathu Allahu man yamootu bala waʿdan ʿalayhi haqqan walakinna akthara alnnasi la yaʿlamoona
En zij leggen bij Allah hun plechtigste geloftes af, (bewerende) dat Allah degene die gestorven is, niet (uit de dood) zal doen herrijzen. Welzeker (Hij doet hen herrijzen), - een belofte (bindend) voor Hem in waarheid, maar het grootste deel van de mensheid weet het niet.
-
لِيُبَيِّنَ لَهُمُ ٱلَّذِى يَخْتَلِفُونَ فِيهِ وَلِيَعْلَمَ ٱلَّذِينَ كَفَرُوٓا۟ أَنَّهُمْ كَانُوا۟ كَـٰذِبِينَ٣٩
Liyubayyina lahumu allathee yakhtalifoona feehi waliyaʿlama allatheena kafaroo annahum kanoo kathibeena
Zodat Hij de waarheid waarover zij van mening verschillen voor hen duidelijk maakt, en dat degenen die ongelovig zijn weten dat zij leugenaars zijn.
-
إِنَّمَا قَوْلُنَا لِشَىْءٍ إِذَآ أَرَدْنَـٰهُ أَن نَّقُولَ لَهُۥ كُن فَيَكُونُ٤٠
Innama qawluna lishayin itha aradnahu an naqoola lahu kun fayakoonu
Waarlijk! Onze woord voor iets wat Wij willen is dat Wij slechts zeggen: “Wees!” En het is.
-
وَٱلَّذِينَ هَاجَرُوا۟ فِى ٱللَّهِ مِنۢ بَعْدِ مَا ظُلِمُوا۟ لَنُبَوِّئَنَّهُمْ فِى ٱلدُّنْيَا حَسَنَةً ۖ وَلَأَجْرُ ٱلْـَٔاخِرَةِ أَكْبَرُ ۚ لَوْ كَانُوا۟ يَعْلَمُونَ٤١
Waallatheena hajaroo fee Allahi min baʿdi ma thulimoo lanubawwiannahum fee alddunya hasanatan walaajru alakhirati akbaru law kanoo yaʿlamoona
En voor degenen die voor de Zaak van Allah geëmigreerd zijn nadat zij aan onderdrukking geleden hebben, Wij zullen hen zeker een goede verblijfplaats in deze wereld geven maar voorwaar de beloning van het hiernamaals zal groter zijn, als zij dat maar wisten!
-
ٱلَّذِينَ صَبَرُوا۟ وَعَلَىٰ رَبِّهِمْ يَتَوَكَّلُونَ٤٢
Allatheena sabaroo waʿala rabbihim yatawakkaloona
(Zij zijn) degenen die geduldig blijven en hun vertrouwen in hun Heer leggen.
-
وَمَآ أَرْسَلْنَا مِن قَبْلِكَ إِلَّا رِجَالًا نُّوحِىٓ إِلَيْهِمْ ۚ فَسْـَٔلُوٓا۟ أَهْلَ ٱلذِّكْرِ إِن كُنتُمْ لَا تَعْلَمُونَ٤٣
Wama arsalna min qablika illa rijalan noohee ilayhim faisaloo ahla alththikri in kuntum la taʿlamoona
En Wij hebben niet (als Onze Boodschappers) voor jou anderen gestuurd dan mannen aan wie wij geopenbaard hebben. Vraag aan degenen die kennis hebben over eerdere Boeken als jullie het niet weten.
-
بِٱلْبَيِّنَـٰتِ وَٱلزُّبُرِ ۗ وَأَنزَلْنَآ إِلَيْكَ ٱلذِّكْرَ لِتُبَيِّنَ لِلنَّاسِ مَا نُزِّلَ إِلَيْهِمْ وَلَعَلَّهُمْ يَتَفَكَّرُونَ٤٤
Bialbayyinati waalzzuburi waanzalna ilayka alththikra litubayyina lilnnasi ma nuzzila ilayhim walaʿallahum yatafakkaroona
Met duidelijke tekenen en Boeken. En Wij hebben ook aan jou een vermaning neergezonden, dat je het duidelijk aan de mensen kan uitleggen wat aan hen is neergezonden en dat zij daarover nadenken.
-
أَفَأَمِنَ ٱلَّذِينَ مَكَرُوا۟ ٱلسَّيِّـَٔاتِ أَن يَخْسِفَ ٱللَّهُ بِهِمُ ٱلْأَرْضَ أَوْ يَأْتِيَهُمُ ٱلْعَذَابُ مِنْ حَيْثُ لَا يَشْعُرُونَ٤٥
Afaamina allatheena makaroo alssayyiati an yakhsifa Allahu bihimu alarda aw yatiyahumu alʿathabu min haythu la yashʿuroona
Voelen dan degenen die kwade plannen smeden zich er veilig voor dat Allah hun in de aarde kan laten verdwijnen of dat de bestraffing zal grijpen? Terwijl zij het niet beseffen.
-
أَوْ يَأْخُذَهُمْ فِى تَقَلُّبِهِمْ فَمَا هُم بِمُعْجِزِينَ٤٦
Aw yakhuthahum fee taqallubihim fama hum bimuʿjizeena
Of dat Hij hen te midden zal grijpen, en er zal geen ontsnapping voor hen mogelijk zijn?
-
أَوْ يَأْخُذَهُمْ عَلَىٰ تَخَوُّفٍ فَإِنَّ رَبَّكُمْ لَرَءُوفٌ رَّحِيمٌ٤٧
Aw yakhuthahum ʿala takhawwufin fainna rabbakum laraoofun raheemun
Of dat Hij hen grijpt terwijl zij dat vrezen. Waarlijk! Jullie Heer is zeker meest zachtaardig meest genadevol.
-
أَوَلَمْ يَرَوْا۟ إِلَىٰ مَا خَلَقَ ٱللَّهُ مِن شَىْءٍ يَتَفَيَّؤُا۟ ظِلَـٰلُهُۥ عَنِ ٱلْيَمِينِ وَٱلشَّمَآئِلِ سُجَّدًا لِّلَّهِ وَهُمْ دَٰخِرُونَ٤٨
Awa lam yaraw ila ma khalaqa Allahu min shayin yatafayyao thilaluhu ʿani alyameeni waalshshamaili sujjadan lillahi wahum dakhiroona
Hebben zij niet de zaken gezien die Allah geschapen heeft, (hoe) hun schaduwen van links naar rechts gaan, terwijl deze knielingen voor Allah maken en dat zij nederig zijn?
-
وَلِلَّهِ يَسْجُدُ مَا فِى ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَمَا فِى ٱلْأَرْضِ مِن دَآبَّةٍ وَٱلْمَلَـٰٓئِكَةُ وَهُمْ لَا يَسْتَكْبِرُونَ٤٩
Walillahi yasjudu ma fee alssamawati wama fee alardi min dabbatin waalmalaikatu wahum la yastakbiroona
En voor Allah knielt alles1 wat in de hemelen is en wat op aarde is van alle bewegende schepsels en de engelen, en zij zijn niet hoogmoedig.
Voetnoten
[1]alles wat eerlijk is en daarom Allah Zijn perfectie erkend. -
يَخَافُونَ رَبَّهُم مِّن فَوْقِهِمْ وَيَفْعَلُونَ مَا يُؤْمَرُونَ ۩٥٠
Yakhafoona rabbahum min fawqihim wayafʿaloona ma yumaroona
Zij vrezen hun Heer boven hen, en zij doen wat hun bevolen wordt.
-
۞ وَقَالَ ٱللَّهُ لَا تَتَّخِذُوٓا۟ إِلَـٰهَيْنِ ٱثْنَيْنِ ۖ إِنَّمَا هُوَ إِلَـٰهٌ وَٰحِدٌ ۖ فَإِيَّـٰىَ فَٱرْهَبُونِ٥١
Waqala Allahu la tattakhithoo ilahayni ithnayni innama huwa ilahun wahidun faiyyaya fairhabooni
En Allah zegt: “(O Mensheid)! Neem geen twee goden (naast Allah) . Waarlijk Hij (Allah) is de enige ware god. Vrees Mij dus veel en alleen Mij”.
-
وَلَهُۥ مَا فِى ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ وَلَهُ ٱلدِّينُ وَاصِبًا ۚ أَفَغَيْرَ ٱللَّهِ تَتَّقُونَ٥٢
Walahu ma fee alssamawati waalardi walahu alddeenu wasiban afaghayra Allahi tattaqoona
Aan Hem behoort alles wat in de hemelen is en wat op aarde (is) en aan hem behoort de godsdienst altijd toe. Geen heeft het recht aanbeden te worden behalve Allah. Zullen jullie dan één ander dan Allah vrezen?
-
وَمَا بِكُم مِّن نِّعْمَةٍ فَمِنَ ٱللَّهِ ۖ ثُمَّ إِذَا مَسَّكُمُ ٱلضُّرُّ فَإِلَيْهِ تَجْـَٔرُونَ٥٣
Wama bikum min niʿmatin famina Allahi thumma itha massakumu alddurru failayhi tajaroona
En alles wat jullie aan gunsten en goede (wereldse of spirituele) zaken hebben, komt van Allah (en van Allah alléén). Als jullie dan geraakt worden door een beproefing (zoals een plotse ziekte, armoede of een andere extreme situatie), dan roepen (en smeken) jullie Hem (instinctief en) luid om hulp.
-
ثُمَّ إِذَا كَشَفَ ٱلضُّرَّ عَنكُمْ إِذَا فَرِيقٌ مِّنكُم بِرَبِّهِمْ يُشْرِكُونَ٥٤
Thumma itha kashafa alddurra ʿankum itha fareequn minkum birabbihim yushrikoona
Als Hij dan het kwade van jullie heeft weggehaald, zie! Sommigen van jullie kennen aan hun Heer deelgenoten toe.
-
لِيَكْفُرُوا۟ بِمَآ ءَاتَيْنَـٰهُمْ ۚ فَتَمَتَّعُوا۟ ۖ فَسَوْفَ تَعْلَمُونَ٥٥
Liyakfuroo bima ataynahum fatamattaʿoo fasawfa taʿlamoona
Dus (als resultaat daarvan) ontkennen zij die (gunsten van Allah) die Wij hen hebben geschonken. Vermaak je zelf dan maar, jullie zullen er achterkomen1.
Voetnoten
[1]wat er op jullie te wachten staat voor een bestraffing, moge Allah ons beschermen. -
وَيَجْعَلُونَ لِمَا لَا يَعْلَمُونَ نَصِيبًا مِّمَّا رَزَقْنَـٰهُمْ ۗ تَٱللَّهِ لَتُسْـَٔلُنَّ عَمَّا كُنتُمْ تَفْتَرُونَ٥٦
Wayajʿaloona lima la yaʿlamoona naseeban mimma razaqnahum taAllahi latusalunna ʿamma kuntum taftaroona
En zij kennen aan datgene waar zij geen kennis over hebben een deel toe van datgene waarmee wij hen voorzien hebben. Bij Allah, jullie zullen beslist ondervraagd worden over alles wat jullie verzonnen hebben.
-
وَيَجْعَلُونَ لِلَّهِ ٱلْبَنَـٰتِ سُبْحَـٰنَهُۥ ۙ وَلَهُم مَّا يَشْتَهُونَ٥٧
Wayajʿaloona lillahi albanati subhanahu walahum ma yashtahoona
Zij kennen dochters aan Allah toe! Verheven is Hij boven alles wat zij aan Hem toekennen! – En voor henzelf wat zij begeren.
-
وَإِذَا بُشِّرَ أَحَدُهُم بِٱلْأُنثَىٰ ظَلَّ وَجْهُهُۥ مُسْوَدًّا وَهُوَ كَظِيمٌ٥٨
Waitha bushshira ahaduhum bialontha thalla wajhuhu muswaddan wahuwa katheemun
En als het nieuws van de geboorte van een meisje hen bereikt, wordt zijn gezicht donker en hij is gevuld met innerlijke droefenis!
-
يَتَوَٰرَىٰ مِنَ ٱلْقَوْمِ مِن سُوٓءِ مَا بُشِّرَ بِهِۦٓ ۚ أَيُمْسِكُهُۥ عَلَىٰ هُونٍ أَمْ يَدُسُّهُۥ فِى ٱلتُّرَابِ ۗ أَلَا سَآءَ مَا يَحْكُمُونَ٥٩
Yatawara mina alqawmi min sooi ma bushshira bihi ayumsikuhu ʿala hoonin am yadussuhu fee altturabi ala saa ma yahkumoona
Hij verbergt zich voor de mensen vanwege het kwaad waarover hij is ingelicht. Hij twijfelt Zal hij haar houden of zal hij haar in de aarde begraven. Zeker, kwaad is hun beslissing.
-
لِلَّذِينَ لَا يُؤْمِنُونَ بِٱلْـَٔاخِرَةِ مَثَلُ ٱلسَّوْءِ ۖ وَلِلَّهِ ٱلْمَثَلُ ٱلْأَعْلَىٰ ۚ وَهُوَ ٱلْعَزِيزُ ٱلْحَكِيمُ٦٠
Lillatheena la yuminoona bialakhirati mathalu alssawi walillahi almathalu alaʿla wahuwa alʿazeezu alhakeemu
Voor degenen die niet in het hiernamaals geloven is er een kwade beschrijving en voor Allah is de hoogste beschrijving. En Hij is de Almachtige, de Alwijze.
-
وَلَوْ يُؤَاخِذُ ٱللَّهُ ٱلنَّاسَ بِظُلْمِهِم مَّا تَرَكَ عَلَيْهَا مِن دَآبَّةٍ وَلَـٰكِن يُؤَخِّرُهُمْ إِلَىٰٓ أَجَلٍ مُّسَمًّى ۖ فَإِذَا جَآءَ أَجَلُهُمْ لَا يَسْتَـْٔخِرُونَ سَاعَةً ۖ وَلَا يَسْتَقْدِمُونَ٦١
Walaw yuakhithu Allahu alnnasa bithulmihim ma taraka ʿalayha min dabbatin walakin yuakhkhiruhum ila ajalin musamman faitha jaa ajaluhum la yastakhiroona saʿatan wala yastaqdimoona
En als Allah de mensheid voor zijn zonden zou grijpen, dan zou Hij op de (aarde) geen enkel levend schepsel laten, maar Hij geeft hen uitstel voor een vastgestelde termijn, zij zijn niet in staat (de bestraffing) een uur te vertragen noch zijn zij in staat om te vervroegen.
-
وَيَجْعَلُونَ لِلَّهِ مَا يَكْرَهُونَ وَتَصِفُ أَلْسِنَتُهُمُ ٱلْكَذِبَ أَنَّ لَهُمُ ٱلْحُسْنَىٰ ۖ لَا جَرَمَ أَنَّ لَهُمُ ٱلنَّارَ وَأَنَّهُم مُّفْرَطُونَ٦٢
Wayajʿaloona lillahi ma yakrahoona watasifu alsinatuhumu alkathiba anna lahumu alhusna la jarama anna lahumu alnnara waannahum mufratoona
Zij kennen aan Allah datgene toe waar zij een afkeer van hebben, en hun tongen uiten de leugen die voor hen het mooiste is. Zonder twijfel is voor hen het vuur, en zij zullen de eerste zijn die zich daarin haasten en waarin zij worden vergeten.
-
تَٱللَّهِ لَقَدْ أَرْسَلْنَآ إِلَىٰٓ أُمَمٍ مِّن قَبْلِكَ فَزَيَّنَ لَهُمُ ٱلشَّيْطَـٰنُ أَعْمَـٰلَهُمْ فَهُوَ وَلِيُّهُمُ ٱلْيَوْمَ وَلَهُمْ عَذَابٌ أَلِيمٌ٦٣
TaAllahi laqad arsalna ila omamin min qablika fazayyana lahumu alshshaytanu aʿmalahum fahuwa waliyyuhumu alyawma walahum ʿathabun aleemun
Bij Allah, Wij hebben beslist (boodschappers) gestuurd naar de volkeren die aan jou zijn voorafgegaan. Maar Shaytaan ‘verfraaide’ (en verdraaide) hun daden (dus zagen ze hun zonden als goede daden en verloochenden ze de profeten). Dus hij (Shaytaan) is hun voogd vandaag en voor hen zal er een pijnlijke bestraffing zijn.
-
وَمَآ أَنزَلْنَا عَلَيْكَ ٱلْكِتَـٰبَ إِلَّا لِتُبَيِّنَ لَهُمُ ٱلَّذِى ٱخْتَلَفُوا۟ فِيهِ ۙ وَهُدًى وَرَحْمَةً لِّقَوْمٍ يُؤْمِنُونَ٦٤
Wama anzalna ʿalayka alkitaba illa litubayyina lahumu allathee ikhtalafoo feehi wahudan warahmatan liqawmin yuminoona
En Wij hebben slechts aan jou het Boek neergezonden zodat je hen die zaken kan uitleggen waarover zij van mening verschillen, en als een leiding en een genade voor een volk dat gelooft.
-
وَٱللَّهُ أَنزَلَ مِنَ ٱلسَّمَآءِ مَآءً فَأَحْيَا بِهِ ٱلْأَرْضَ بَعْدَ مَوْتِهَآ ۚ إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَـَٔايَةً لِّقَوْمٍ يَسْمَعُونَ٦٥
WaAllahu anzala mina alssamai maan faahya bihi alarda baʿda mawtiha inna fee thalika laayatan liqawmin yasmaʿoona
En Allah heeft water uit de hemel gestuurd, en Hij doet de aarde daarmee herleven na haar dood. Waarlijk, in dit is een teken voor mensen die luisteren.
-
وَإِنَّ لَكُمْ فِى ٱلْأَنْعَـٰمِ لَعِبْرَةً ۖ نُّسْقِيكُم مِّمَّا فِى بُطُونِهِۦ مِنۢ بَيْنِ فَرْثٍ وَدَمٍ لَّبَنًا خَالِصًا سَآئِغًا لِّلشَّـٰرِبِينَ٦٦
Wainna lakum fee alanʿami laʿibratan nusqeekum mimma fee butoonihi min bayni farthin wadamin labanan khalisan saighan lilshsharibeena
En waarlijk! In het vee is lering voor jullie. Wij geven jullie te drinken van wat in hun buiken is, dat afgescheiden wordt tussen de ingewanden en het bloed, zuivere melk; smakelijk voor de drinkers.
-
وَمِن ثَمَرَٰتِ ٱلنَّخِيلِ وَٱلْأَعْنَـٰبِ تَتَّخِذُونَ مِنْهُ سَكَرًا وَرِزْقًا حَسَنًا ۗ إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَـَٔايَةً لِّقَوْمٍ يَعْقِلُونَ٦٧
Wamin thamarati alnnakheeli waalaʿnabi tattakhithoona minhu sakaran warizqan hasanan inna fee thalika laayatan liqawmin yaʿqiloona
En van de vruchten van de dadelpalm en de druiven; maken jullie een sterke drank (wat Allah verboden heeft) en een goede voorziening. Waarlijk, daarin is beslist een teken voor de mensen die wijsheid bezitten.
-
وَأَوْحَىٰ رَبُّكَ إِلَى ٱلنَّحْلِ أَنِ ٱتَّخِذِى مِنَ ٱلْجِبَالِ بُيُوتًا وَمِنَ ٱلشَّجَرِ وَمِمَّا يَعْرِشُونَ٦٨
Waawha rabbuka ila alnnahli ani ittakhithee mina aljibali buyootan wamina alshshajari wamimma yaʿrishoona
En jullie Heer heeft aan de bij geopenbaard zeggende: “Neem je woonplaats in de bergen en in de bomen en in wat zij bouwen.
-
ثُمَّ كُلِى مِن كُلِّ ٱلثَّمَرَٰتِ فَٱسْلُكِى سُبُلَ رَبِّكِ ذُلُلًا ۚ يَخْرُجُ مِنۢ بُطُونِهَا شَرَابٌ مُّخْتَلِفٌ أَلْوَٰنُهُۥ فِيهِ شِفَآءٌ لِّلنَّاسِ ۗ إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَـَٔايَةً لِّقَوْمٍ يَتَفَكَّرُونَ٦٩
Thumma kulee min kulli alththamarati faoslukee subula rabbiki thululan yakhruju min butooniha sharabun mukhtalifun alwanuhu feehi shifaon lilnnasi inna fee thalika laayatan liqawmin yatafakkaroona
Eet dan van al het fruit en volg de wegen die jouw Heer gemakkelijk maakt.” Uit hun buiken komt een drank voort1– variërend van kleur – waarin genezing zit voor de mensheid. Waarlijk, hierin is beslist een teken voor de mensen die denken.
Voetnoten
[1]honing en tegenwordig is er bewezen dat ook het gif van de bij ook afkomstig is van zijn buik en volgens zijn er verschillende wetenschappelijke studies die aangeven dat bijengif een geneesmiddel is zoals honing dat ook is. -
وَٱللَّهُ خَلَقَكُمْ ثُمَّ يَتَوَفَّىٰكُمْ ۚ وَمِنكُم مَّن يُرَدُّ إِلَىٰٓ أَرْذَلِ ٱلْعُمُرِ لِكَىْ لَا يَعْلَمَ بَعْدَ عِلْمٍ شَيْـًٔا ۚ إِنَّ ٱللَّهَ عَلِيمٌ قَدِيرٌ٧٠
WaAllahu khalaqakum thumma yatawaffakum waminkum man yuraddu ila arthali alʿumuri likay la yaʿlama baʿda ʿilmin shayan inna Allaha ʿaleemun qadeerun
En Allah heeft jullie geschapen en vervolgens laat Hij jullie sterven, en onder sommigen van jullie zijn er die teruggebracht worden naar de meest gebrekkige leeftijd (in kindsheid), zodat zij niets weten nadat zij (veel) geweten hebben. Waarlijk! Allah is Alwetend, Almachtig.
-
وَٱللَّهُ فَضَّلَ بَعْضَكُمْ عَلَىٰ بَعْضٍ فِى ٱلرِّزْقِ ۚ فَمَا ٱلَّذِينَ فُضِّلُوا۟ بِرَآدِّى رِزْقِهِمْ عَلَىٰ مَا مَلَكَتْ أَيْمَـٰنُهُمْ فَهُمْ فِيهِ سَوَآءٌ ۚ أَفَبِنِعْمَةِ ٱللَّهِ يَجْحَدُونَ٧١
WaAllahu faddala baʿdakum ʿala baʿdin fee alrrizqi fama allatheena fuddiloo biraddee rizqihim ʿala ma malakat aymanuhum fahum feehi sawaon afabiniʿmati Allahi yajhadoona
En Allah heeft enkele van jullie wat betreft weelde en eigendommen boven anderen bevoorrecht. Dan zullen degenen die bevoorrecht zijn in geen geval hun welvaart en eigendommen overdragen aan degenen die hun rechterhand bezitten, zodat zij wat dat betreft gelijk zijn. Ontkennen zij dan de gunsten van Allah?
-
وَٱللَّهُ جَعَلَ لَكُم مِّنْ أَنفُسِكُمْ أَزْوَٰجًا وَجَعَلَ لَكُم مِّنْ أَزْوَٰجِكُم بَنِينَ وَحَفَدَةً وَرَزَقَكُم مِّنَ ٱلطَّيِّبَـٰتِ ۚ أَفَبِٱلْبَـٰطِلِ يُؤْمِنُونَ وَبِنِعْمَتِ ٱللَّهِ هُمْ يَكْفُرُونَ٧٢
WaAllahu jaʿala lakum min anfusikum azwajan wajaʿala lakum min azwajikum baneena wahafadatan warazaqakum mina alttayyibati afabialbatili yuminoona wabiniʿmati Allahi hum yakfuroona
En (alléén) Allah heeft jullie vrouwen geschonken van jullie eigen soort (om bij hun tot rust te komen), en (het is Hij) die uit jullie vrouwen zonen en kleinzonen heeft voortgebracht. (Net zoals Hij) jullie heeft voorzien van al de goede (en toegestane levensmiddelen). Geloven jullie dan in valse goden en ontkennen jullie de gunst van Allah.
-
وَيَعْبُدُونَ مِن دُونِ ٱللَّهِ مَا لَا يَمْلِكُ لَهُمْ رِزْقًا مِّنَ ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ شَيْـًٔا وَلَا يَسْتَطِيعُونَ٧٣
Wayaʿbudoona min dooni Allahi ma la yamliku lahum rizqan mina alssamawati waalardi shayan wala yastateeʿoona
En zij aanbidden anderen naast Allah – datgene wat niet in staat is om hen van enige levensonderhoud te voorzien vanuit de hemelen of de aarde.
-
فَلَا تَضْرِبُوا۟ لِلَّهِ ٱلْأَمْثَالَ ۚ إِنَّ ٱللَّهَ يَعْلَمُ وَأَنتُمْ لَا تَعْلَمُونَ٧٤
Fala tadriboo lillahi alamthala inna Allaha yaʿlamu waantum la taʿlamoona
Stel dus niets gelijk aan Allah. Waarlijk! Allah weet en jullie weten niet.
-
۞ ضَرَبَ ٱللَّهُ مَثَلًا عَبْدًا مَّمْلُوكًا لَّا يَقْدِرُ عَلَىٰ شَىْءٍ وَمَن رَّزَقْنَـٰهُ مِنَّا رِزْقًا حَسَنًا فَهُوَ يُنفِقُ مِنْهُ سِرًّا وَجَهْرًا ۖ هَلْ يَسْتَوُۥنَ ۚ ٱلْحَمْدُ لِلَّهِ ۚ بَلْ أَكْثَرُهُمْ لَا يَعْلَمُونَ٧٥
Daraba Allahu mathalan ʿabdan mamlookan la yaqdiru ʿala shayin waman razaqnahu minna rizqan hasanan fahuwa yunfiqu minhu sirran wajahran hal yastawoona alhamdu lillahi bal aktharuhum la yaʿlamoona
Allah geeft een voorbeeld; een slaaf in bezit van een ander, en die nergens toe in staat is, en (de ander) een man die Wij een goed levensonderhoud van Ons hebben gegeven, en hij besteed daarvan in het geheim en in de openheid. Kunnen zij gelijk zijn? Alle lof en dank is voor Allah. Welnee! (Maar) de meesten van hen weten niet.
-
وَضَرَبَ ٱللَّهُ مَثَلًا رَّجُلَيْنِ أَحَدُهُمَآ أَبْكَمُ لَا يَقْدِرُ عَلَىٰ شَىْءٍ وَهُوَ كَلٌّ عَلَىٰ مَوْلَىٰهُ أَيْنَمَا يُوَجِّههُّ لَا يَأْتِ بِخَيْرٍ ۖ هَلْ يَسْتَوِى هُوَ وَمَن يَأْمُرُ بِٱلْعَدْلِ ۙ وَهُوَ عَلَىٰ صِرَٰطٍ مُّسْتَقِيمٍ٧٦
Wadaraba Allahu mathalan rajulayni ahaduhuma abkamu la yaqdiru ʿala shayin wahuwa kallun ʿala mawlahu aynama yuwajjihhu la yati bikhayrin hal yastawee huwa waman yamuru bialʿadli wahuwa ʿala siratin mustaqeemin
En Allah geeft voorbeeld van twee mannen, één van hen is stom, heeft nergens macht over en hij is een last voor zijn meester, welke kant die hem ook opstuurt, hij kan niets goed doen. Is zo iemand gelijk aan degene die rechtvaardigheid beveelt en zelf op het Rechte Pad verkeert?
-
وَلِلَّهِ غَيْبُ ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ ۚ وَمَآ أَمْرُ ٱلسَّاعَةِ إِلَّا كَلَمْحِ ٱلْبَصَرِ أَوْ هُوَ أَقْرَبُ ۚ إِنَّ ٱللَّهَ عَلَىٰ كُلِّ شَىْءٍ قَدِيرٌ٧٧
Walillahi ghaybu alssamawati waalardi wama amru alssaʿati illa kalamhi albasari aw huwa aqrabu inna Allaha ʿala kulli shayin qadeerun
En aan Allah behoort het onwaarneembare van de hemelen en de aarde. En de zaak van het Uur is niets dan een knipperen van het oog of zelfs minder. Waarlijk! Allah is tot alle zaken in staat.
-
وَٱللَّهُ أَخْرَجَكُم مِّنۢ بُطُونِ أُمَّهَـٰتِكُمْ لَا تَعْلَمُونَ شَيْـًٔا وَجَعَلَ لَكُمُ ٱلسَّمْعَ وَٱلْأَبْصَـٰرَ وَٱلْأَفْـِٔدَةَ ۙ لَعَلَّكُمْ تَشْكُرُونَ٧٨
WaAllahu akhrajakum min butooni ommahatikum la taʿlamoona shayan wajaʿala lakumu alssamʿa waalabsara waalafidata laʿallakum tashkuroona
En Allah heeft jullie voortgebracht uit de buiken van jullie moeders terwijl jullie niets wisten. En Hij heeft jullie het gehoor, het gezicht en harten gemaakt zodat jullie Hem zullen danken.
-
أَلَمْ يَرَوْا۟ إِلَى ٱلطَّيْرِ مُسَخَّرَٰتٍ فِى جَوِّ ٱلسَّمَآءِ مَا يُمْسِكُهُنَّ إِلَّا ٱللَّهُ ۗ إِنَّ فِى ذَٰلِكَ لَـَٔايَـٰتٍ لِّقَوْمٍ يُؤْمِنُونَ٧٩
Alam yaraw ila alttayri musakhkharatin fee jawwi alssamai ma yumsikuhunna illa Allahu inna fee thalika laayatin liqawmin yuminoona
Zien zij niet de vogels in de lucht hoe zij onderworpen zijn aan zijn bevel (van Allah) Niemand houdt hen vast behalve Allah. Waarlijk, hierin zijn bewijzen en tekenen voor de mensen die geloven.
-
وَٱللَّهُ جَعَلَ لَكُم مِّنۢ بُيُوتِكُمْ سَكَنًا وَجَعَلَ لَكُم مِّن جُلُودِ ٱلْأَنْعَـٰمِ بُيُوتًا تَسْتَخِفُّونَهَا يَوْمَ ظَعْنِكُمْ وَيَوْمَ إِقَامَتِكُمْ ۙ وَمِنْ أَصْوَافِهَا وَأَوْبَارِهَا وَأَشْعَارِهَآ أَثَـٰثًا وَمَتَـٰعًا إِلَىٰ حِينٍ٨٠
WaAllahu jaʿala lakum min buyootikum sakanan wajaʿala lakum min juloodi alanʿami buyootan tastakhiffoonaha yawma thaʿnikum wayawma iqamatikum wamin aswafiha waawbariha waashʿariha athathan wamataʿan ila heenin
En Allah heeft voor jullie in jullie huizen een verblijfplaats gemaakt en maakte voor jullie uit de huiden van het vee (tenten voor) bewoning, die jullie zo licht vinden wanneer jullie reizen en wanneer jullie verblijven en van hun wol, vacht en haar, meubilair en gemaksproducten een gemak voor een korte tijd.
-
وَٱللَّهُ جَعَلَ لَكُم مِّمَّا خَلَقَ ظِلَـٰلًا وَجَعَلَ لَكُم مِّنَ ٱلْجِبَالِ أَكْنَـٰنًا وَجَعَلَ لَكُمْ سَرَٰبِيلَ تَقِيكُمُ ٱلْحَرَّ وَسَرَٰبِيلَ تَقِيكُم بَأْسَكُمْ ۚ كَذَٰلِكَ يُتِمُّ نِعْمَتَهُۥ عَلَيْكُمْ لَعَلَّكُمْ تُسْلِمُونَ٨١
WaAllahu jaʿala lakum mimma khalaqa thilalan wajaʿala lakum mina aljibali aknanan wajaʿala lakum sarabeela taqeekumu alharra wasarabeela taqeekum basakum kathalika yutimmu niʿmatahu ʿalaykum laʿallakum tuslimoona
En Allah heeft voor jullie datgene gemaakt waarmee Hij schaduw schept en heeft voor jullie toevluchtsoorden in de bergen gemaakt en heeft voor jullie kleding gemaakt om jullie tegen de hitte te beschermen en maliënkolders om jullie tegen het geweld te beschermen. Zo heeft Hij Zijn genade voor jullie geperfectioneerd, dat jullie jezelf aan Zijn wil onderwerpen.
-
فَإِن تَوَلَّوْا۟ فَإِنَّمَا عَلَيْكَ ٱلْبَلَـٰغُ ٱلْمُبِينُ٨٢
Fain tawallaw fainnama ʿalayka albalaghu almubeenu
Dan, als zij zich afkeren, is jouw taak slechts om de boodschap duidelijk te verkondigen.
-
يَعْرِفُونَ نِعْمَتَ ٱللَّهِ ثُمَّ يُنكِرُونَهَا وَأَكْثَرُهُمُ ٱلْكَـٰفِرُونَ٨٣
Yaʿrifoona niʿmata Allahi thumma yunkiroonaha waaktharuhumu alkafiroona
Zij kennen de gunsten van Allah, maar toch blijven zij in staat van ontkenning (door anderen dan Hem te aanbidden) en de meesten van hen zijn ongelovigen.
-
وَيَوْمَ نَبْعَثُ مِن كُلِّ أُمَّةٍ شَهِيدًا ثُمَّ لَا يُؤْذَنُ لِلَّذِينَ كَفَرُوا۟ وَلَا هُمْ يُسْتَعْتَبُونَ٨٤
Wayawma nabʿathu min kulli ommatin shaheedan thumma la yuthanu lillatheena kafaroo wala hum yustaʿtaboona
En (gedenk) de Dag wanneer Wij voor elk volk een getuige zullen laten herrijzen, dan, zullen degenen die ongelovig waren geen mogelijkheid krijgen (om zich te verontschuldigen) noch zal hun toegestaan worden om spijt te betuigen en om Allah Zijn vergiffenis te vragen.
-
وَإِذَا رَءَا ٱلَّذِينَ ظَلَمُوا۟ ٱلْعَذَابَ فَلَا يُخَفَّفُ عَنْهُمْ وَلَا هُمْ يُنظَرُونَ٨٥
Waitha raa allatheena thalamoo alʿathaba fala yukhaffafu ʿanhum wala hum yuntharoona
En als de onrechtvaardigen de bestraffing zien, dan zal het niet voor hen verlicht worden, noch zullen zij uitstel krijgen.
-
وَإِذَا رَءَا ٱلَّذِينَ أَشْرَكُوا۟ شُرَكَآءَهُمْ قَالُوا۟ رَبَّنَا هَـٰٓؤُلَآءِ شُرَكَآؤُنَا ٱلَّذِينَ كُنَّا نَدْعُوا۟ مِن دُونِكَ ۖ فَأَلْقَوْا۟ إِلَيْهِمُ ٱلْقَوْلَ إِنَّكُمْ لَكَـٰذِبُونَ٨٦
Waitha raa allatheena ashrakoo shurakaahum qaloo rabbana haolai shurakaona allatheena kunna nadʿoo min doonika faalqaw ilayhimu alqawla innakum lakathiboona
En wanneer degenen die aan Allah deelgenoten toekennen hun deelgenoten zien, zullen zij zeggen: “Onze Heer! Dit zijn Uw deelgenoten die wij naast U aanriepen.” Maar zij zullen hun woord op hen terug gooien (en zeggen): “Zeker! Jullie zijn beslist leugenaars!”
-
وَأَلْقَوْا۟ إِلَى ٱللَّهِ يَوْمَئِذٍ ٱلسَّلَمَ ۖ وَضَلَّ عَنْهُم مَّا كَانُوا۟ يَفْتَرُونَ٨٧
Waalqaw ila Allahi yawmaithin alssalama wadalla ʿanhum ma kanoo yaftaroona
En zij zullen (hun volledige) onderwerping aan Allah alleen aanbieden op die Dag en hun bedachte valse goden zal van hen verdwijnen.
-
ٱلَّذِينَ كَفَرُوا۟ وَصَدُّوا۟ عَن سَبِيلِ ٱللَّهِ زِدْنَـٰهُمْ عَذَابًا فَوْقَ ٱلْعَذَابِ بِمَا كَانُوا۟ يُفْسِدُونَ٨٨
Allatheena kafaroo wasaddoo ʿan sabeeli Allahi zidnahum ʿathaban fawqa alʿathabi bima kanoo yufsidoona
Degenen die ongelovig waren en (de mensheid) van het pad van Allah afhielden voor hen zullen Wij een bestraffing aan de bestraffing toevoegen; omdat zij corruptie plachten te verspreiden.
-
وَيَوْمَ نَبْعَثُ فِى كُلِّ أُمَّةٍ شَهِيدًا عَلَيْهِم مِّنْ أَنفُسِهِمْ ۖ وَجِئْنَا بِكَ شَهِيدًا عَلَىٰ هَـٰٓؤُلَآءِ ۚ وَنَزَّلْنَا عَلَيْكَ ٱلْكِتَـٰبَ تِبْيَـٰنًا لِّكُلِّ شَىْءٍ وَهُدًى وَرَحْمَةً وَبُشْرَىٰ لِلْمُسْلِمِينَ٨٩
Wayawma nabʿathu fee kulli ommatin shaheedan ʿalayhim min anfusihim wajina bika shaheedan ʿala haolai wanazzalna ʿalayka alkitaba tibyanan likulli shayin wahudan warahmatan wabushra lilmuslimeena
En (gedenk) de Dag waarop Wij voor ieder volk een getuige zullen laten herrijzen onder henzelf. En Wij zullen jou als getuige tegen hen brengen. En Wij hebben aan jou een Boek neergezonden als een aanwijzing voor alles, een leiding en een genade en goed nieuws voor degenen die zichzelf onderworpen hebben.
-
۞ إِنَّ ٱللَّهَ يَأْمُرُ بِٱلْعَدْلِ وَٱلْإِحْسَـٰنِ وَإِيتَآئِ ذِى ٱلْقُرْبَىٰ وَيَنْهَىٰ عَنِ ٱلْفَحْشَآءِ وَٱلْمُنكَرِ وَٱلْبَغْىِ ۚ يَعِظُكُمْ لَعَلَّكُمْ تَذَكَّرُونَ٩٠
Inna Allaha yamuru bialʿadli waalihsani waeetai thee alqurba wayanha ʿani alfahshai waalmunkari waalbaghyi yaʿithukum laʿallakum tathakkaroona
Waarlijk, Allah beveelt rechtvaardigheid en de aanbidding van Hem (alléén) en het geduld in de volledige verrichting van de verplichtingen ten opzichte van Hem. En Hij (beveelt) hulp aan de verwanten en verbiedt onzedelijkheden, het verwerpelijke en de onderdrukking. Hij waarschuwt jullie, zodat jullie daar lering uit zullen halen.
-
وَأَوْفُوا۟ بِعَهْدِ ٱللَّهِ إِذَا عَـٰهَدتُّمْ وَلَا تَنقُضُوا۟ ٱلْأَيْمَـٰنَ بَعْدَ تَوْكِيدِهَا وَقَدْ جَعَلْتُمُ ٱللَّهَ عَلَيْكُمْ كَفِيلًا ۚ إِنَّ ٱللَّهَ يَعْلَمُ مَا تَفْعَلُونَ٩١
Waawfoo biʿahdi Allahi itha ʿahadtum wala tanqudoo alaymana baʿda tawkeediha waqad jaʿaltumu Allaha ʿalaykum kafeelan inna Allaha yaʿlamu ma tafʿaloona
En vervul het verbond van Allah als jullie een verbond hebben gesloten en breek jullie eden niet nadat jullie ze bekrachtigd hebben, en zeker jullie hebben Allah aangewezen voor jullie veiligheid. Waarlijk! Allah weet wat jullie doen.
-
وَلَا تَكُونُوا۟ كَٱلَّتِى نَقَضَتْ غَزْلَهَا مِنۢ بَعْدِ قُوَّةٍ أَنكَـٰثًا تَتَّخِذُونَ أَيْمَـٰنَكُمْ دَخَلًۢا بَيْنَكُمْ أَن تَكُونَ أُمَّةٌ هِىَ أَرْبَىٰ مِنْ أُمَّةٍ ۚ إِنَّمَا يَبْلُوكُمُ ٱللَّهُ بِهِۦ ۚ وَلَيُبَيِّنَنَّ لَكُمْ يَوْمَ ٱلْقِيَـٰمَةِ مَا كُنتُمْ فِيهِ تَخْتَلِفُونَ٩٢
Wala takoonoo kaallatee naqadat ghazlaha min baʿdi quwwatin ankathan tattakhithoona aymanakum dakhalan baynakum an takoona ommatun hiya arba min ommatin innama yablookumu Allahu bihi walayubayyinanna lakum yawma alqiyamati ma kuntum feehi takhtalifoona
En wees niet zoals zij die de draad die zij gesponnen heeft, uitrafelt nadat het sterk geworden is, door de eden af te leggen als middel om jezelf te bedriegen, zodat een volk niet talrijker wordt dan een ander volk. Allah beproeft jullie hiermee. En op de Dag der Opstanding zal Hij jullie zeker duidelijk maken waarover jullie van mening verschilden.
-
وَلَوْ شَآءَ ٱللَّهُ لَجَعَلَكُمْ أُمَّةً وَٰحِدَةً وَلَـٰكِن يُضِلُّ مَن يَشَآءُ وَيَهْدِى مَن يَشَآءُ ۚ وَلَتُسْـَٔلُنَّ عَمَّا كُنتُمْ تَعْمَلُونَ٩٣
Walaw shaa Allahu lajaʿalakum ommatan wahidatan walakin yudillu man yashao wayahdee man yashao walatusalunna ʿamma kuntum taʿmaloona
En als Allah het gewild had, had Hij jullie (allen) tot een volk kunnen maken maar Hij stuurt wie Hij wil op dwaling en Hij leidt wie Hij wil. Maar jullie zullen zeker ter verantwoording worden geroepen over de daden die jullie plachten te verrichten.
-
وَلَا تَتَّخِذُوٓا۟ أَيْمَـٰنَكُمْ دَخَلًۢا بَيْنَكُمْ فَتَزِلَّ قَدَمٌۢ بَعْدَ ثُبُوتِهَا وَتَذُوقُوا۟ ٱلسُّوٓءَ بِمَا صَدَدتُّمْ عَن سَبِيلِ ٱللَّهِ ۖ وَلَكُمْ عَذَابٌ عَظِيمٌ٩٤
Wala tattakhithoo aymanakum dakhalan baynakum fatazilla qadamun baʿda thubootiha watathooqoo alssooa bima sadadtum ʿan sabeeli Allahi walakum ʿathabun ʿatheemun
En laat jullie eden niet als bron van misleiding zijn tussen jullie, zodat er geen voet weg (van het rechte pad) kan wegglijden nadat hij stevig is neergezet, en dat jullie het kwaad proeven doordat jullie mensen afhouden houden van het Pad van Allah en voor jullie zal er een grote bestraffing zijn.
-
وَلَا تَشْتَرُوا۟ بِعَهْدِ ٱللَّهِ ثَمَنًا قَلِيلًا ۚ إِنَّمَا عِندَ ٱللَّهِ هُوَ خَيْرٌ لَّكُمْ إِن كُنتُمْ تَعْلَمُونَ٩٥
Wala tashtaroo biʿahdi Allahi thamanan qaleelan innama ʿinda Allahi huwa khayrun lakum in kuntum taʿlamoona
En verhandel niet een kleine winst ten koste van Allah Zijn verbond. Waarlijk! Wat bij Allah is, is beter voor jullie als jullie dat maar wisten.
-
مَا عِندَكُمْ يَنفَدُ ۖ وَمَا عِندَ ٱللَّهِ بَاقٍ ۗ وَلَنَجْزِيَنَّ ٱلَّذِينَ صَبَرُوٓا۟ أَجْرَهُم بِأَحْسَنِ مَا كَانُوا۟ يَعْمَلُونَ٩٦
Ma ʿindakum yanfadu wama ʿinda Allahi baqin walanajziyanna allatheena sabaroo ajrahum biahsani ma kanoo yaʿmaloona
En wat bij jullie is, zal vergaan en wat bij Allah is zal eeuwig blijven. En degenen die geduldig zijn, zullen Wij zeker een beloning uitbetalen in verhouding tot het beste wat zij verricht hebben.
-
مَنْ عَمِلَ صَـٰلِحًا مِّن ذَكَرٍ أَوْ أُنثَىٰ وَهُوَ مُؤْمِنٌ فَلَنُحْيِيَنَّهُۥ حَيَوٰةً طَيِّبَةً ۖ وَلَنَجْزِيَنَّهُمْ أَجْرَهُم بِأَحْسَنِ مَا كَانُوا۟ يَعْمَلُونَ٩٧
Man ʿamila salihan min thakarin aw ontha wahuwa muminun falanuhyiyannahu hayatan tayyibatan walanajziyannahum ajrahum biahsani ma kanoo yaʿmaloona
Al wie goede daden verricht – of het nu om mannen of vrouwen gaat – in de staat van een ware gelovige (door afstand te nemen van ongeloof, ongehoorzaamheid en zonden), schenken Wij een begerenswaardig leven (gevuld met ware geluk en voldoening en toegestane voorzieningen) en (in het hiernamaals) zullen Wij hen vast en zeker een beloning geven die in overeenstemming zal zijn met het beste van de verrichte daden.
-
فَإِذَا قَرَأْتَ ٱلْقُرْءَانَ فَٱسْتَعِذْ بِٱللَّهِ مِنَ ٱلشَّيْطَـٰنِ ٱلرَّجِيمِ٩٨
Faitha qarata alqurana faistaʿith biAllahi mina alshshaytani alrrajeemi
En als je de Koran wenst te reciteren, zoek dan toevlucht bij Allah tegen (de vervloekte) Shaytaan, de verworpene.1
Voetnoten
[1] Dit vers duidt duidelijk op een bevel waaraan gehoorzaamd dient te worden en dus zeggen we voor de aanvang van de recitatie: “A’oedzoe bi Lahi mina Shaytaani radjiem – Ik zoek mijn toevlucht bij Allah tegen (de vervloekte) Shaytaan, de verworpene.” -
إِنَّهُۥ لَيْسَ لَهُۥ سُلْطَـٰنٌ عَلَى ٱلَّذِينَ ءَامَنُوا۟ وَعَلَىٰ رَبِّهِمْ يَتَوَكَّلُونَ٩٩
Innahu laysa lahu sultanun ʿala allatheena amanoo waʿala rabbihim yatawakkaloona
Waarlijk! Hij heeft geen macht over degenen die geloven en (vervolgens) hun vertrouwen uitsluitend op hun Heer stellen.
-
إِنَّمَا سُلْطَـٰنُهُۥ عَلَى ٱلَّذِينَ يَتَوَلَّوْنَهُۥ وَٱلَّذِينَ هُم بِهِۦ مُشْرِكُونَ١٠٠
Innama sultanuhu ʿala allatheena yatawallawnahu waallatheena hum bihi mushrikoona
Waarlijk! Zijn (duivels) gezag is slechts (effectief) op degenen die hem gehoorzamen en volgen, en die deelgenoten (in hun aanbidding) aan Hem toekennen1.
Voetnoten
[1]de polytheïsten, maar ook degenen die hun lusten blind volgen, dat is ook een vorm van aanbidding. -
وَإِذَا بَدَّلْنَآ ءَايَةً مَّكَانَ ءَايَةٍ ۙ وَٱللَّهُ أَعْلَمُ بِمَا يُنَزِّلُ قَالُوٓا۟ إِنَّمَآ أَنتَ مُفْتَرٍۭ ۚ بَلْ أَكْثَرُهُمْ لَا يَعْلَمُونَ١٠١
Waitha baddalna ayatan makana ayatin waAllahu aʿlamu bima yunazzilu qaloo innama anta muftarin bal aktharuhum la yaʿlamoona
En als Wij een vers van de Qor’aan door een ander vers laten vervangen, en Allah weet het beste wat Hij naar beneden zendt. Zij zeggen: “Jij bent niets anders dan een leugenaar.” Welnee, de meesten van hen weten niet.
-
قُلْ نَزَّلَهُۥ رُوحُ ٱلْقُدُسِ مِن رَّبِّكَ بِٱلْحَقِّ لِيُثَبِّتَ ٱلَّذِينَ ءَامَنُوا۟ وَهُدًى وَبُشْرَىٰ لِلْمُسْلِمِينَ١٠٢
Qul nazzalahu roohu alqudusi min rabbika bialhaqqi liyuthabbita allatheena amanoo wahudan wabushra lilmuslimeena
Zeg Jibriël (de engel) heeft het (de Koran) met de waarheid van zijn Heer gebracht, om degene die geloven te verstevigen (in het geloof) en als een leiding en goed nieuws voor de moslims.
-
وَلَقَدْ نَعْلَمُ أَنَّهُمْ يَقُولُونَ إِنَّمَا يُعَلِّمُهُۥ بَشَرٌ ۗ لِّسَانُ ٱلَّذِى يُلْحِدُونَ إِلَيْهِ أَعْجَمِىٌّ وَهَـٰذَا لِسَانٌ عَرَبِىٌّ مُّبِينٌ١٠٣
Walaqad naʿlamu annahum yaqooloona innama yuʿallimuhu basharun lisanu allathee yulhidoona ilayhi aʿjamiyyun wahatha lisanun ʿarabiyyun mubeenun
En voorwaar, Wij weten dat zij zeggen: “Het is slechts een mens die hem onderwijst.” De tong van de man waarna zij verwijzen is niet - Arabisch terwijl dit in zuiver Arabisch taal is.
-
إِنَّ ٱلَّذِينَ لَا يُؤْمِنُونَ بِـَٔايَـٰتِ ٱللَّهِ لَا يَهْدِيهِمُ ٱللَّهُ وَلَهُمْ عَذَابٌ أَلِيمٌ١٠٤
Inna allatheena la yuminoona biayati Allahi la yahdeehimu Allahu walahum ʿathabun aleemun
Waarlijk! Degenen die niet in de tekenen van Allah geloven – Allah zal hen niet leiden en voor hen zal er een pijnlijke bestraffing zijn.
-
إِنَّمَا يَفْتَرِى ٱلْكَذِبَ ٱلَّذِينَ لَا يُؤْمِنُونَ بِـَٔايَـٰتِ ٱللَّهِ ۖ وَأُو۟لَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلْكَـٰذِبُونَ١٠٥
Innama yaftaree alkathiba allatheena la yuminoona biayati Allahi waolaika humu alkathiboona
Het zijn slechts degenen die niet in de tekenen van Allah geloven die leugens verzinnen en zij zijn de leugenaars.
-
مَن كَفَرَ بِٱللَّهِ مِنۢ بَعْدِ إِيمَـٰنِهِۦٓ إِلَّا مَنْ أُكْرِهَ وَقَلْبُهُۥ مُطْمَئِنٌّۢ بِٱلْإِيمَـٰنِ وَلَـٰكِن مَّن شَرَحَ بِٱلْكُفْرِ صَدْرًا فَعَلَيْهِمْ غَضَبٌ مِّنَ ٱللَّهِ وَلَهُمْ عَذَابٌ عَظِيمٌ١٠٦
Man kafara biAllahi min baʿdi eemanihi illa man okriha waqalbuhu mutmainnun bialeemani walakin man sharaha bialkufri sadran faʿalayhim ghadabun mina Allahi walahum ʿathabun ʿatheemun
Iedereen die ongelovig aan Allah is nadat hij geloof heeft gehad, behalve degene die gedwongen wordt en in wiens hart rust heeft in het geloof – maar hij die zijn borst opened voor ongeloof– over hen rust de woede van Allah en voor hen is een geweldige bestraffing.
-
ذَٰلِكَ بِأَنَّهُمُ ٱسْتَحَبُّوا۟ ٱلْحَيَوٰةَ ٱلدُّنْيَا عَلَى ٱلْـَٔاخِرَةِ وَأَنَّ ٱللَّهَ لَا يَهْدِى ٱلْقَوْمَ ٱلْكَـٰفِرِينَ١٠٧
Thalika biannahumu istahabboo alhayata alddunya ʿala alakhirati waanna Allaha la yahdee alqawma alkafireena
Dat is vanwege (het feit) dat zij het leven van deze wereld de voorkeur aan geven boven dat van het hiernamaals. En Allah leidt niet het volk dat ongelovig is.
-
أُو۟لَـٰٓئِكَ ٱلَّذِينَ طَبَعَ ٱللَّهُ عَلَىٰ قُلُوبِهِمْ وَسَمْعِهِمْ وَأَبْصَـٰرِهِمْ ۖ وَأُو۟لَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلْغَـٰفِلُونَ١٠٨
Olaika allatheena tabaʿa Allahu ʿala quloobihim wasamʿihim waabsarihim waolaika humu alghafiloona
Dat zijn degenen wiens harten, oren en ogen door Allah gezegeld zijn. En zij zijn de achtelozen!
-
لَا جَرَمَ أَنَّهُمْ فِى ٱلْـَٔاخِرَةِ هُمُ ٱلْخَـٰسِرُونَ١٠٩
La jarama annahum fee alakhirati humu alkhasiroona
Geen twijfel, in het hiernamaals zullen zij de verliezers zijn.
-
ثُمَّ إِنَّ رَبَّكَ لِلَّذِينَ هَاجَرُوا۟ مِنۢ بَعْدِ مَا فُتِنُوا۟ ثُمَّ جَـٰهَدُوا۟ وَصَبَرُوٓا۟ إِنَّ رَبَّكَ مِنۢ بَعْدِهَا لَغَفُورٌ رَّحِيمٌ١١٠
Thumma inna rabbaka lillatheena hajaroo min baʿdi ma futinoo thumma jahadoo wasabaroo inna rabbaka min baʿdiha laghafoorun raheemun
Vervolgens is Jullie Heer – voor degenen die emigreerden nadat zij beproefd zijn en daarna hard streefden en vochten en geduldig waren, waarlijk, jullie Heer is meest Vergevend, meest Genadevol.
-
۞ يَوْمَ تَأْتِى كُلُّ نَفْسٍ تُجَـٰدِلُ عَن نَّفْسِهَا وَتُوَفَّىٰ كُلُّ نَفْسٍ مَّا عَمِلَتْ وَهُمْ لَا يُظْلَمُونَ١١١
Yawma tatee kullu nafsin tujadilu ʿan nafsiha watuwaffa kullu nafsin ma ʿamilat wahum la yuthlamoona
(Gedenk) de Dag wanneer ieder persoon voor zichzelf zal pleiten, en iedereen volledig vergoed zal krijgen voor wat hij gedaan heeft en zij zullen niet onrechtvaardig behandeld worden.
-
وَضَرَبَ ٱللَّهُ مَثَلًا قَرْيَةً كَانَتْ ءَامِنَةً مُّطْمَئِنَّةً يَأْتِيهَا رِزْقُهَا رَغَدًا مِّن كُلِّ مَكَانٍ فَكَفَرَتْ بِأَنْعُمِ ٱللَّهِ فَأَذَٰقَهَا ٱللَّهُ لِبَاسَ ٱلْجُوعِ وَٱلْخَوْفِ بِمَا كَانُوا۟ يَصْنَعُونَ١١٢
Wadaraba Allahu mathalan qaryatan kanat aminatan mutmainnatan yateeha rizquha raghadan min kulli makanin fakafarat bianʿumi Allahi faathaqaha Allahu libasa aljooʿi waalkhawfi bima kanoo yasnaʿoona
En Allah geeft het voorbeeld van de stad waar het veilig en tevreden wonen is; haar voorziening komt in overvloed van iedere plaats, maar zij ontkennen de gunsten van Allah. Dus laat Allah hun een geweldige honger proeven en vrees vanwege wat zij verricht hadden.
-
وَلَقَدْ جَآءَهُمْ رَسُولٌ مِّنْهُمْ فَكَذَّبُوهُ فَأَخَذَهُمُ ٱلْعَذَابُ وَهُمْ ظَـٰلِمُونَ١١٣
Walaqad jaahum rasoolun minhum fakaththaboohu faakhathahumu alʿathabu wahum thalimoona
En waarlijk, tot hen is een boodschapper gekomen van hen zelf, maar zij ontkenden hem, dus de bestraffing kwam over hen toen zij onrechtvaardig waren.
-
فَكُلُوا۟ مِمَّا رَزَقَكُمُ ٱللَّهُ حَلَـٰلًا طَيِّبًا وَٱشْكُرُوا۟ نِعْمَتَ ٱللَّهِ إِن كُنتُمْ إِيَّاهُ تَعْبُدُونَ١١٤
Fakuloo mimma razaqakumu Allahu halalan tayyiban waoshkuroo niʿmata Allahi in kuntum iyyahu taʿbudoona
Eet dus van het wettige en goede voedsel waar Allah jullie van voorzien heeft. En wees dankbaar voor de gunsten van Allah als het Hem is Die jullie aanbidden.
-
إِنَّمَا حَرَّمَ عَلَيْكُمُ ٱلْمَيْتَةَ وَٱلدَّمَ وَلَحْمَ ٱلْخِنزِيرِ وَمَآ أُهِلَّ لِغَيْرِ ٱللَّهِ بِهِۦ ۖ فَمَنِ ٱضْطُرَّ غَيْرَ بَاغٍ وَلَا عَادٍ فَإِنَّ ٱللَّهَ غَفُورٌ رَّحِيمٌ١١٥
Innama harrama ʿalaykumu almaytata waalddama walahma alkhinzeeri wama ohilla lighayri Allahi bihi famani idturra ghayra baghin wala ʿadin fainna Allaha ghafoorun raheemun
Hij heeft jullie slechts het vlees van een dood dier, bloed, het vlees van het varken en elk dier dat als offer voor een ander dan Allah geslacht is verboden. Maar als iemand door noodzaak gedwongen is, zonder ongehoorzaam te willen zijn, en niet overschrijdend – dan is Allah meest Vergevend, meest Genadevol.
-
وَلَا تَقُولُوا۟ لِمَا تَصِفُ أَلْسِنَتُكُمُ ٱلْكَذِبَ هَـٰذَا حَلَـٰلٌ وَهَـٰذَا حَرَامٌ لِّتَفْتَرُوا۟ عَلَى ٱللَّهِ ٱلْكَذِبَ ۚ إِنَّ ٱلَّذِينَ يَفْتَرُونَ عَلَى ٱللَّهِ ٱلْكَذِبَ لَا يُفْلِحُونَ١١٦
Wala taqooloo lima tasifu alsinatukumu alkathiba hatha halalun wahatha haramun litaftaroo ʿala Allahi alkathiba inna allatheena yaftaroona ʿala Allahi alkathiba la yuflihoona
En zeg niets vanwege de leugens die jullie uiten: “Dat is wettig en dit is verboden” en zo leugens over Allah verzinnend. Waarlijk, degenen die leugens over Allah verzinnen zullen nooit voortvarend zijn.
-
مَتَـٰعٌ قَلِيلٌ وَلَهُمْ عَذَابٌ أَلِيمٌ١١٧
Mataʿun qaleelun walahum ʿathabun aleemun
En een kort tijdelijk vermaak maar zij zullen een pijnlijke bestraffing hebben.
-
وَعَلَى ٱلَّذِينَ هَادُوا۟ حَرَّمْنَا مَا قَصَصْنَا عَلَيْكَ مِن قَبْلُ ۖ وَمَا ظَلَمْنَـٰهُمْ وَلَـٰكِن كَانُوٓا۟ أَنفُسَهُمْ يَظْلِمُونَ١١٨
Waʿala allatheena hadoo harramna ma qasasna ʿalayka min qablu wama thalamnahum walakin kanoo anfusahum yathlimoona
En voor degenen die joden zijn, hebben Wij zaken verboden die Wij aan jou al eerder genoemd hebben. En Wij hebben hen geen onrecht aangedaan, maar zij hebben zichzelf onrecht aangedaan.
-
ثُمَّ إِنَّ رَبَّكَ لِلَّذِينَ عَمِلُوا۟ ٱلسُّوٓءَ بِجَهَـٰلَةٍ ثُمَّ تَابُوا۟ مِنۢ بَعْدِ ذَٰلِكَ وَأَصْلَحُوٓا۟ إِنَّ رَبَّكَ مِنۢ بَعْدِهَا لَغَفُورٌ رَّحِيمٌ١١٩
Thumma inna rabbaka lillatheena ʿamiloo alssooa bijahalatin thumma taboo min baʿdi thalika waaslahoo inna rabbaka min baʿdiha laghafoorun raheemun
Vervolgens is jullie Heer – voor degenen die in onwetendheid kwaad doen en daarna berouw vertonen en goede daden verrichten, waarlijk, jullie Heer is meest Vergevend, meest Genadevol.
-
إِنَّ إِبْرَٰهِيمَ كَانَ أُمَّةً قَانِتًا لِّلَّهِ حَنِيفًا وَلَمْ يَكُ مِنَ ٱلْمُشْرِكِينَ١٢٠
Inna ibraheema kana ommatan qanitan lillahi haneefan walam yaku mina almushrikeena
Waarlijk, Ibraahiem was een leider die alle goede kwaliteiten bezit gehoorzaam aan Allah, en bad niemand anders aan dan Allah en hij behoorde niet tot de afgodendienaars.
-
شَاكِرًا لِّأَنْعُمِهِ ۚ ٱجْتَبَىٰهُ وَهَدَىٰهُ إِلَىٰ صِرَٰطٍ مُّسْتَقِيمٍ١٢١
Shakiran lianʿumihi ijtabahu wahadahu ila siratin mustaqeemin
(Hij was) dankbaar voor Zijn gunsten. Hij koos hem uit en leidde hem op het rechte pad.
-
وَءَاتَيْنَـٰهُ فِى ٱلدُّنْيَا حَسَنَةً ۖ وَإِنَّهُۥ فِى ٱلْـَٔاخِرَةِ لَمِنَ ٱلصَّـٰلِحِينَ١٢٢
Waataynahu fee alddunya hasanatan wainnahu fee alakhirati lamina alssaliheena
En Wij gaven hem het goede in deze wereld en in het hiernamaals zal hij tot de rechtvaardigen behoren.
-
ثُمَّ أَوْحَيْنَآ إِلَيْكَ أَنِ ٱتَّبِعْ مِلَّةَ إِبْرَٰهِيمَ حَنِيفًا ۖ وَمَا كَانَ مِنَ ٱلْمُشْرِكِينَ١٢٣
Thumma awhayna ilayka ani ittabiʿ millata ibraheema haneefan wama kana mina almushrikeena
Toen hebben Wij jou aan jouw geopenbaard (zeggende): “Volg de godsdienst van Ibraahiem, niemand anders dan Allah aanbiddend en hij behoorde niet tot de afgodendienaars."
-
إِنَّمَا جُعِلَ ٱلسَّبْتُ عَلَى ٱلَّذِينَ ٱخْتَلَفُوا۟ فِيهِ ۚ وَإِنَّ رَبَّكَ لَيَحْكُمُ بَيْنَهُمْ يَوْمَ ٱلْقِيَـٰمَةِ فِيمَا كَانُوا۟ فِيهِ يَخْتَلِفُونَ١٢٤
Innama juʿila alssabtu ʿala allatheena ikhtalafoo feehi wainna rabbaka layahkumu baynahum yawma alqiyamati feema kanoo feehi yakhtalifoona
De Sabbat is slechts voorgeschreven aan degenen die daarover van mening verschilden en waarlijk, jullie Heer zal tussen hen op de Dag der Opstanding oordelen over datgene waarover zij van mening verschilden.
-
ٱدْعُ إِلَىٰ سَبِيلِ رَبِّكَ بِٱلْحِكْمَةِ وَٱلْمَوْعِظَةِ ٱلْحَسَنَةِ ۖ وَجَـٰدِلْهُم بِٱلَّتِى هِىَ أَحْسَنُ ۚ إِنَّ رَبَّكَ هُوَ أَعْلَمُ بِمَن ضَلَّ عَن سَبِيلِهِۦ ۖ وَهُوَ أَعْلَمُ بِٱلْمُهْتَدِينَ١٢٥
Odʿu ila sabeeli rabbika bialhikmati waalmawʿithati alhasanati wajadilhum biallatee hiya ahsanu inna rabbaka huwa aʿlamu biman dalla ʿan sabeelihi wahuwa aʿlamu bialmuhtadeena
(O Mohammed), nodig uit tot de weg van jouw Heer met de wijsheid (dit bewijst ook de plicht van kennis blijven opdoen van het geloof) en weloverwogen bewoordingen, en redetwist met hen op de beste manier. Waarlijk, jullie Heer weet het beste wie afdwaalt van Zijn pad en Hij is het best bewust van degenen die geleid zijn.
-
وَإِنْ عَاقَبْتُمْ فَعَاقِبُوا۟ بِمِثْلِ مَا عُوقِبْتُم بِهِۦ ۖ وَلَئِن صَبَرْتُمْ لَهُوَ خَيْرٌ لِّلصَّـٰبِرِينَ١٢٦
Wain ʿaqabtum faʿaqiboo bimithli ma ʿooqibtum bihi walain sabartum lahuwa khayrun lilssabireena
En als jullie straffen Straf hen dan in de verhouding waarop zij jullie kwaad hebben gedaan. Maar als jullie het geduldig zijn, waarlijk, het is beter geduldig te zijn.
-
وَٱصْبِرْ وَمَا صَبْرُكَ إِلَّا بِٱللَّهِ ۚ وَلَا تَحْزَنْ عَلَيْهِمْ وَلَا تَكُ فِى ضَيْقٍ مِّمَّا يَمْكُرُونَ١٢٧
Waisbir wama sabruka illa biAllahi wala tahzan ʿalayhim wala taku fee dayqin mimma yamkuroona
En wees geduldig (o Profeet Mohammed), en jouw geduld is slechts een gunst van Allah voor jouw. En treur niet om hen (omdat zij de de dwaalweg verkozen) en voel niet benauwd door hun listen.
-
إِنَّ ٱللَّهَ مَعَ ٱلَّذِينَ ٱتَّقَوا۟ وَّٱلَّذِينَ هُم مُّحْسِنُونَ١٢٨
Inna Allaha maʿa allatheena ittaqaw waallatheena hum muhsinoona
Waarlijk, Allah is met degenen die godsvrees1 voor Hem hebben, en de weldoeners onder hen (die in gehoorzaamheid hun intentie zuiveren).
Voetnoten
[1]Door polytheïsme en ongeloof en ongehoorzaamheid te vermijden.
Veelgestelde vragen
Wat betekent de naam van soera An-Nahl?
An-Nahl betekent ‘De bijen’.
In welke juz staat soera An-Nahl?
Soera An-Nahl staat in juz 14.
Hoeveel verzen heeft soera An-Nahl?
Soera An-Nahl telt 128 verzen.
Is soera An-Nahl Mekkaans of Medinaans?
Soera An-Nahl is een Mekkaanse soera.
Welk nummer heeft soera An-Nahl?
An-Nahl is de 16e soera van de Koran.
Bronnen
- Arabic text: Tanzil Quran Text (Uthmani) (Tanzil Project, CC BY 3.0), reproduced without changes.
- Translation: Dutch Islamic Center, from QuranEnc.com, version 2.0.10, reproduced without changes.
- Transliteration: Tanzil.net English transliteration.
- Recitation: Mishary Rashid Alafasy, via QuranicAudio.com and EveryAyah.com.
- Word by word: recordings and meanings from Quran.com (Quran Foundation), played when you tap a word.
- Madinah and IndoPak fonts (Settings): the text in those scripts and their fonts come from the Quran Foundation (Quran.com); the Madinah font is the King Fahd Glorious Quran Printing Complex's Uthmanic Hafs font.
Found a mistake? Report a mistake and we will check it against the source.