سورة ص
Soera Sad in het Nederlands
- 38
- 88 verzen
- Mekkaans
- Juz 23
- Pagina’s 453–458
Mishary Rashid AlafasyMP3 downloadenPDF downloaden
Soera Sad (ص) is de 38e soera van de Koran en telt 88 verzen. Het is een Mekkaanse soera, geopenbaard in Mekka vóór de Hidjra, en ze staat in juz 23.
Op deze pagina lees je soera Sad volledig in het Arabisch, vers voor vers met de Nederlandse vertaling van het Dutch Islamic Center en de transliteratie, en kun je naar de recitatie luisteren.
Soera Sad volledig: Arabisch, Nederlandse vertaling en transliteratie
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَـٰنِ ٱلرَّحِيمِ
-
صٓ ۚ وَٱلْقُرْءَانِ ذِى ٱلذِّكْرِ١
Sad waalqurani thee alththikri
Saad.1 Bij de Koran, Bezitter van de vermaning.
Voetnoten
[1] Bekijk de voetnoten van vers 1 van Soera Al-Baqarah. -
بَلِ ٱلَّذِينَ كَفَرُوا۟ فِى عِزَّةٍ وَشِقَاقٍ٢
Bali allatheena kafaroo fee ʿizzatin washiqaqin
Welnee, degenen die ongelovig zijn verkeren in een valse trots en tegenstand.
-
كَمْ أَهْلَكْنَا مِن قَبْلِهِم مِّن قَرْنٍ فَنَادَوا۟ وَّلَاتَ حِينَ مَنَاصٍ٣
Kam ahlakna min qablihim min qarnin fanadaw walata heena manasin
Hoeveel generaties hebben Wij voor hen vernietigend en zij schreeuwden het uit wanneer er niet langer tijd was te ontsnappen!
-
وَعَجِبُوٓا۟ أَن جَآءَهُم مُّنذِرٌ مِّنْهُمْ ۖ وَقَالَ ٱلْكَـٰفِرُونَ هَـٰذَا سَـٰحِرٌ كَذَّابٌ٤
Waʿajiboo an jaahum munthirun minhum waqala alkafiroona hatha sahirun kaththabun
En zij (de afgodenaanbidders) vragen zich af waarom een waarschuwer uit hun midden tot hen is gekomen! En de ongelovigen zeggen: “Dit is een tovenaar, een leugenaar.
-
أَجَعَلَ ٱلْـَٔالِهَةَ إِلَـٰهًا وَٰحِدًا ۖ إِنَّ هَـٰذَا لَشَىْءٌ عُجَابٌ٥
Ajaʿala alalihata ilahan wahidan inna hatha lashayon ʿujabun
Hij heeft (alle) goden in één god veranderd. Waarlijk, dit is iets vreemds!”
-
وَٱنطَلَقَ ٱلْمَلَأُ مِنْهُمْ أَنِ ٱمْشُوا۟ وَٱصْبِرُوا۟ عَلَىٰٓ ءَالِهَتِكُمْ ۖ إِنَّ هَـٰذَا لَشَىْءٌ يُرَادُ٦
Waintalaqa almalao minhum ani imshoo waisbiroo ʿala alihatikum inna hatha lashayon yuradu
En de leiders onder hen gingen (zeggen): “Ga door en blijf standvastig met jullie goden! Waarlijk, dit (de Koran) is iets (dat tegen jullie) is.
-
مَا سَمِعْنَا بِهَـٰذَا فِى ٱلْمِلَّةِ ٱلْـَٔاخِرَةِ إِنْ هَـٰذَآ إِلَّا ٱخْتِلَـٰقٌ٧
Ma samiʿna bihatha fee almillati alakhirati in hatha illa ikhtilaqun
Wij hebben nog (nooit zoiets) gehoord van dit volk van latere datum; dit is niets anders dan een verzinsel!”
-
أَءُنزِلَ عَلَيْهِ ٱلذِّكْرُ مِنۢ بَيْنِنَا ۚ بَلْ هُمْ فِى شَكٍّ مِّن ذِكْرِى ۖ بَل لَّمَّا يَذُوقُوا۟ عَذَابِ٨
Aonzila ʿalayhi alththikru min baynina bal hum fee shakkin min thikree bal lamma yathooqoo ʿathabi
Is de vermaning (alleen) van onder Ons naar hem gestuurd!” welnee, maar zij verkeren in twijfel over Mijn vermaning. Welnee, maar zij hebben (Mijn) bestraffing niet geproefd!
-
أَمْ عِندَهُمْ خَزَآئِنُ رَحْمَةِ رَبِّكَ ٱلْعَزِيزِ ٱلْوَهَّابِ٩
Am ʿindahum khazainu rahmati rabbika alʿazeezi alwahhabi
Of hebben zij de schatten van de genade van jouw Heer – de Almachtige, de Schenker?
-
أَمْ لَهُم مُّلْكُ ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ وَمَا بَيْنَهُمَا ۖ فَلْيَرْتَقُوا۟ فِى ٱلْأَسْبَـٰبِ١٠
Am lahum mulku alssamawati waalardi wama baynahuma falyartaqoo fee alasbabi
Of behoort het rijk van de hemelen en de aarde en alles wat daar tussen is hen toe? Als dat het geval is laten zij dan met middelen opstijgen naar de hemel als zij dat kunnen.
-
جُندٌ مَّا هُنَالِكَ مَهْزُومٌ مِّنَ ٱلْأَحْزَابِ١١
Jundun ma hunalika mahzoomun mina alahzabi
Zij zullen een verslagen leger zijn zoals de bondgenoten van oude tijden (slagveld van Badr).
-
كَذَّبَتْ قَبْلَهُمْ قَوْمُ نُوحٍ وَعَادٌ وَفِرْعَوْنُ ذُو ٱلْأَوْتَادِ١٢
Kaththabat qablahum qawmu noohin waʿadun wafirʿawnu thoo alawtadi
Voor hen hebben het volk van Noeh; en ‘Ad en Farao – de bezitter van de palen-.
-
وَثَمُودُ وَقَوْمُ لُوطٍ وَأَصْحَـٰبُ لْـَٔيْكَةِ ۚ أُو۟لَـٰٓئِكَ ٱلْأَحْزَابُ١٣
Wathamoodu waqawmu lootin waashabu alaykati olaika alahzabu
En Thamoed en het volk van Loet en de bewoners van het woud; dat waren de bondgenoten.
-
إِن كُلٌّ إِلَّا كَذَّبَ ٱلرُّسُلَ فَحَقَّ عِقَابِ١٤
In kullun illa kaththaba alrrusula fahaqqa ʿiqabi
Niet één van hen had Mijn boodschappers niet verloochend, daarom was Mijn bestraffing gerechtvaardigd.
-
وَمَا يَنظُرُ هَـٰٓؤُلَآءِ إِلَّا صَيْحَةً وَٰحِدَةً مَّا لَهَا مِن فَوَاقٍ١٥
Wama yanthuru haolai illa sayhatan wahidatan ma laha min fawaqin
En het wachten is slechts op een enkele kreet, er zal geen onderbreking of einde daarvoor zijn.
-
وَقَالُوا۟ رَبَّنَا عَجِّل لَّنَا قِطَّنَا قَبْلَ يَوْمِ ٱلْحِسَابِ١٦
Waqaloo rabbana ʿajjil lana qittana qabla yawmi alhisabi
Zij zeggen (de afgodenaanbidders): “Onze Heer! Bespoedig de straf voor ons voor de Dag van de Afrekening!”
-
ٱصْبِرْ عَلَىٰ مَا يَقُولُونَ وَٱذْكُرْ عَبْدَنَا دَاوُۥدَ ذَا ٱلْأَيْدِ ۖ إِنَّهُۥٓ أَوَّابٌ١٧
Isbir ʿala ma yaqooloona waothkur ʿabdana dawooda tha alaydi innahu awwabun
Wees geduldig (o Mohammed) over wat zij zeggen en gedenk Onze dienaar Dawoed, Bezitter van kracht; Waarlijk, hij wendde zich altijd met alle zaken in berouw (tot Allah) (dat is voor ons ook een mooi voorbeeld als wij zonden maken).
-
إِنَّا سَخَّرْنَا ٱلْجِبَالَ مَعَهُۥ يُسَبِّحْنَ بِٱلْعَشِىِّ وَٱلْإِشْرَاقِ١٨
Inna sakhkharna aljibala maʿahu yusabbihna bialʿashiyyi waalishraqi
Waarlijk, Wij maakten de bergen dienstbaar voor hem die samen met hem Allah verheerlijken in de avond en in de ochtend.
-
وَٱلطَّيْرَ مَحْشُورَةً ۖ كُلٌّ لَّهُۥٓ أَوَّابٌ١٩
Waalttayra mahshooratan kullun lahu awwabun
En zo ook verzamelden de vogels zich allen bij hem in gehoorzaamheid.
-
وَشَدَدْنَا مُلْكَهُۥ وَءَاتَيْنَـٰهُ ٱلْحِكْمَةَ وَفَصْلَ ٱلْخِطَابِ٢٠
Washadadna mulkahu waataynahu alhikmata wafasla alkhitabi
Wij maakten zijn koninkrijk sterk en gaven hem wijsheid en een goed oordeel in woorden en besluiten.
-
۞ وَهَلْ أَتَىٰكَ نَبَؤُا۟ ٱلْخَصْمِ إِذْ تَسَوَّرُوا۟ ٱلْمِحْرَابَ٢١
Wahal ataka nabao alkhasmi ith tasawwaroo almihraba
En is het nieuws van de ruziende partijnen tot jou gekomen? Toen zij over de muur klommen in (zijn) gebedsplaats.
-
إِذْ دَخَلُوا۟ عَلَىٰ دَاوُۥدَ فَفَزِعَ مِنْهُمْ ۖ قَالُوا۟ لَا تَخَفْ ۖ خَصْمَانِ بَغَىٰ بَعْضُنَا عَلَىٰ بَعْضٍ فَٱحْكُم بَيْنَنَا بِٱلْحَقِّ وَلَا تُشْطِطْ وَٱهْدِنَآ إِلَىٰ سَوَآءِ ٱلصِّرَٰطِ٢٢
Ith dakhaloo ʿala dawooda fafaziʿa minhum qaloo la takhaf khasmani bagha baʿduna ʿala baʿdin faohkum baynana bialhaqqi wala tushtit waihdina ila sawai alssirati
Toen zij naar Dawoed kwamen, schrok hij van hen, zij zeiden: “Vrees niet! Wij zijn twee procesvoerenden, de één heeft de ander kwaad gedaan, oordeel daarom tussen ons in waarheid en behandel ons niet onrechtvaardig en leid ons op het rechte pad.
-
إِنَّ هَـٰذَآ أَخِى لَهُۥ تِسْعٌ وَتِسْعُونَ نَعْجَةً وَلِىَ نَعْجَةٌ وَٰحِدَةٌ فَقَالَ أَكْفِلْنِيهَا وَعَزَّنِى فِى ٱلْخِطَابِ٢٣
Inna hatha akhee lahu tisʿun watisʿoona naʿjatan waliya naʿjatun wahidatun faqala akfilneeha waʿazzanee fee alkhitabi
Waarlijk, deze broeder van mij heeft negenennegentig ooien, terwijl ik slechts één ooi heb, en hij zegt: “Geef het aan mij, en hij heeft mij in de spraak overweldigd.”
-
قَالَ لَقَدْ ظَلَمَكَ بِسُؤَالِ نَعْجَتِكَ إِلَىٰ نِعَاجِهِۦ ۖ وَإِنَّ كَثِيرًا مِّنَ ٱلْخُلَطَآءِ لَيَبْغِى بَعْضُهُمْ عَلَىٰ بَعْضٍ إِلَّا ٱلَّذِينَ ءَامَنُوا۟ وَعَمِلُوا۟ ٱلصَّـٰلِحَـٰتِ وَقَلِيلٌ مَّا هُمْ ۗ وَظَنَّ دَاوُۥدُ أَنَّمَا فَتَنَّـٰهُ فَٱسْتَغْفَرَ رَبَّهُۥ وَخَرَّ رَاكِعًا وَأَنَابَ ۩٢٤
Qala laqad thalamaka bisuali naʿjatika ila niʿajihi wainna katheeran mina alkhulatai layabghee baʿduhum ʿala baʿdin illa allatheena amanoo waʿamiloo alssalihati waqaleelun ma hum wathanna dawoodu annama fatannahu faistaghfara rabbahu wakharra rakiʿan waanaba
(Dawoed) zei: “Hij heeft jou onrecht aangedaan door jou ooi te eisen als aanvulling op zijn ooien. En waarlijk, vele partners onderdrukken de ander, behalve degenen die geloven en goede daden verrichten en zij zijn maar weinig.” En Dawoed vermoedde dat Wij hem beproefd hebben en hij zocht vergiffenis van zijn Heer en hij knielde neer en keerde zich in berouw (tot Allah).
-
فَغَفَرْنَا لَهُۥ ذَٰلِكَ ۖ وَإِنَّ لَهُۥ عِندَنَا لَزُلْفَىٰ وَحُسْنَ مَـَٔابٍ٢٥
Faghafarna lahu thalika wainna lahu ʿindana lazulfa wahusna maabin
Dus vergaven Wij hem en waarlijk, voor hem was de nabijheid van Ons en een goede plaats in de terugkeer.
-
يَـٰدَاوُۥدُ إِنَّا جَعَلْنَـٰكَ خَلِيفَةً فِى ٱلْأَرْضِ فَٱحْكُم بَيْنَ ٱلنَّاسِ بِٱلْحَقِّ وَلَا تَتَّبِعِ ٱلْهَوَىٰ فَيُضِلَّكَ عَن سَبِيلِ ٱللَّهِ ۚ إِنَّ ٱلَّذِينَ يَضِلُّونَ عَن سَبِيلِ ٱللَّهِ لَهُمْ عَذَابٌ شَدِيدٌۢ بِمَا نَسُوا۟ يَوْمَ ٱلْحِسَابِ٢٦
Ya dawoodu inna jaʿalnaka khaleefatan fee alardi faohkum bayna alnnasi bialhaqqi wala tattabiʿi alhawa fayudillaka ʿan sabeeli Allahi inna allatheena yadilloona ʿan sabeeli Allahi lahum ʿathabun shadeedun bima nasoo yawma alhisabi
O Dawoed! Waarlijk! Wij hebben jou als een opvolger op aarde geplaatst, oordeel dus in waarheid tussen de mensen en volg niet jouw begeerte–wat het zou je van het pad van Allah doen afdwalen. Waarlijk! Degenen die afdwalen van het pad van Allah (zullen) een zware bestraffing hebben omdat zij de Dag van de Afrekening vergaten.
-
وَمَا خَلَقْنَا ٱلسَّمَآءَ وَٱلْأَرْضَ وَمَا بَيْنَهُمَا بَـٰطِلًا ۚ ذَٰلِكَ ظَنُّ ٱلَّذِينَ كَفَرُوا۟ ۚ فَوَيْلٌ لِّلَّذِينَ كَفَرُوا۟ مِنَ ٱلنَّارِ٢٧
Wama khalaqna alssamaa waalarda wama baynahuma batilan thalika thannu allatheena kafaroo fawaylun lillatheena kafaroo mina alnnari
(Denk maar niet) dat Wij de hemelen en de aarde – en alles wat zich daartussen bevindt – hebben geschapen zónder (een bepaald) doel! Dat is de bewering van de ongelovigen! O wee, voor hen die de hel ontkennen!
-
أَمْ نَجْعَلُ ٱلَّذِينَ ءَامَنُوا۟ وَعَمِلُوا۟ ٱلصَّـٰلِحَـٰتِ كَٱلْمُفْسِدِينَ فِى ٱلْأَرْضِ أَمْ نَجْعَلُ ٱلْمُتَّقِينَ كَٱلْفُجَّارِ٢٨
Am najʿalu allatheena amanoo waʿamiloo alssalihati kaalmufsideena fee alardi am najʿalu almuttaqeena kaalfujjari
Zullen Wij dan degenen die geloven en goede daden verrichten (gelijkelijk) behandelen als degenen die op aarde verderf zaaien? Of zullen Wij de godvrezenden zoals de verdorvenen laten zijn?
-
كِتَـٰبٌ أَنزَلْنَـٰهُ إِلَيْكَ مُبَـٰرَكٌ لِّيَدَّبَّرُوٓا۟ ءَايَـٰتِهِۦ وَلِيَتَذَكَّرَ أُو۟لُوا۟ ٱلْأَلْبَـٰبِ٢٩
Kitabun anzalnahu ilayka mubarakun liyaddabbaroo ayatihi waliyatathakkara oloo alalbabi
(Dit is) een Boek dat Wij aan jou neder hebben gezonden, vol zegeningen zodat zij over haar verzen (diep) kunnen nadenken en dat de mensen van verstand er lering uit zullen halen.
-
وَوَهَبْنَا لِدَاوُۥدَ سُلَيْمَـٰنَ ۚ نِعْمَ ٱلْعَبْدُ ۖ إِنَّهُۥٓ أَوَّابٌ٣٠
Wawahabna lidawooda sulaymana niʿma alʿabdu innahu awwabun
En aan Dawoed schonken Wij Soeleiman, wat (een) uitmuntende dienaar! Waarlijk, hij keerde zich altijd vol berouw (tot Ons)!(Tawbah, de hoofdeigenschap van elke gelovige).
-
إِذْ عُرِضَ عَلَيْهِ بِٱلْعَشِىِّ ٱلصَّـٰفِنَـٰتُ ٱلْجِيَادُ٣١
Ith ʿurida ʿalayhi bialʿashiyyi alssafinatu aljiyadu
Toen er voor hem in de namiddag goed getrainde paarden getoond werden van het zuiverste ras.
-
فَقَالَ إِنِّىٓ أَحْبَبْتُ حُبَّ ٱلْخَيْرِ عَن ذِكْرِ رَبِّى حَتَّىٰ تَوَارَتْ بِٱلْحِجَابِ٣٢
Faqala innee ahbabtu hubba alkhayri ʿan thikri rabbee hatta tawarat bialhijabi
En hij zei: “Helaas Ik gaf de voorkeur aan het goede (van de paarden) waardoor ik het gedenken van mijn Heer ben vergeten tot de tijd daarvan voorbij was en (de zon) zich verborgen had achter de sluier (van de nacht).
-
رُدُّوهَا عَلَىَّ ۖ فَطَفِقَ مَسْحًۢا بِٱلسُّوقِ وَٱلْأَعْنَاقِ٣٣
Ruddooha ʿalayya fatafiqa mashan bialssooqi waalaʿnaqi
Toen zei hij: “Breng hen (de paarden) naar mij terug.” Toen liet hij zijn hand over hun benen gaan en hun halsen1.
Voetnoten
[1]Dus Soeleiman slachtte die paarden en deelde hun vlees uit voor de armen om het zo goed te maken. Dus als wij iets fout hebben gedaan doen wij dat ook; namelijk Tawbah vanuit je hart en tong, je bidt twee Rakaah met de intentie van Tawbah, vervolgens laat je een goede daad je slechte daad uitwissen. -
وَلَقَدْ فَتَنَّا سُلَيْمَـٰنَ وَأَلْقَيْنَا عَلَىٰ كُرْسِيِّهِۦ جَسَدًا ثُمَّ أَنَابَ٣٤
Walaqad fatanna sulaymana waalqayna ʿala kursiyyihi jasadan thumma anaba
En voorwaar, Wij hebben Soeleiman beproefd en Wij hebben op zijn troon een lichaam geplaatst waardoor hij terugkeerde tot Allah in gehoorzaamheid en berouw.
-
قَالَ رَبِّ ٱغْفِرْ لِى وَهَبْ لِى مُلْكًا لَّا يَنۢبَغِى لِأَحَدٍ مِّنۢ بَعْدِىٓ ۖ إِنَّكَ أَنتَ ٱلْوَهَّابُ٣٥
Qala rabbi ighfir lee wahab lee mulkan la yanbaghee liahadin min baʿdee innaka anta alwahhabu
Hij zei: “Mijn Heer! Vergeef mij en schenk mij een koninkrijk dat niemand na mij ooit zal bezitten. Waarlijk, U bent Degene Die schenkt.”
-
فَسَخَّرْنَا لَهُ ٱلرِّيحَ تَجْرِى بِأَمْرِهِۦ رُخَآءً حَيْثُ أَصَابَ٣٦
Fasakhkharna lahu alrreeha tajree biamrihi rukhaan haythu asaba
Dus hebben Wij de wind aan hem dienstbaar gemaakt, die zachtjes en gewillig blies op (Soeleiman's) bevel, waarheen hij maar wilde.
-
وَٱلشَّيَـٰطِينَ كُلَّ بَنَّآءٍ وَغَوَّاصٍ٣٧
Waalshshayateena kulla bannain waghawwasin
Alsook de djinn, waarvan (vakkundige) bouwers en (parel)duikers.
-
وَءَاخَرِينَ مُقَرَّنِينَ فِى ٱلْأَصْفَادِ٣٨
Waakhareena muqarraneena fee alasfadi
En ook andere (djins), (waarvan de handen aan de nek werden) vastgebonden met (zware) ketenen.
-
هَـٰذَا عَطَآؤُنَا فَٱمْنُنْ أَوْ أَمْسِكْ بِغَيْرِ حِسَابٍ٣٩
Hatha ʿataona faomnun aw amsik bighayri hisabin
“Allah zei tegen Soeleiman: "dit is Ons geschenk, gebruik het dus of gebruik het niet, geen rekenschap zal gevraagd worden.”
-
وَإِنَّ لَهُۥ عِندَنَا لَزُلْفَىٰ وَحُسْنَ مَـَٔابٍ٤٠
Wainna lahu ʿindana lazulfa wahusna maabin
En waarlijk, Voor hem is er een nabijheid van Ons en van een goede uiteindelijke terugkeer.
-
وَٱذْكُرْ عَبْدَنَآ أَيُّوبَ إِذْ نَادَىٰ رَبَّهُۥٓ أَنِّى مَسَّنِىَ ٱلشَّيْطَـٰنُ بِنُصْبٍ وَعَذَابٍ٤١
Waothkur ʿabdana ayyooba ith nada rabbahu annee massaniya alshshaytanu binusbin waʿathabin
En gedenk Onze dienaar Ajoeb, toen hij zijn Heer (smartelijk) aanriep: “Waarlijk, Shaytaan heeft mij schade en leed berokkend.”
-
ٱرْكُضْ بِرِجْلِكَ ۖ هَـٰذَا مُغْتَسَلٌۢ بَارِدٌ وَشَرَابٌ٤٢
Orkud birijlika hatha mughtasalun baridun washarabun
Stamp met je voet op de grond (waarop er spontaan een bron uit de grond ontsprong). Dit is (water) om je mee te wassen (genezing) en af te koelen, en (ook) om van te drinken.
-
وَوَهَبْنَا لَهُۥٓ أَهْلَهُۥ وَمِثْلَهُم مَّعَهُمْ رَحْمَةً مِّنَّا وَذِكْرَىٰ لِأُو۟لِى ٱلْأَلْبَـٰبِ٤٣
Wawahabna lahu ahlahu wamithlahum maʿahum rahmatan minna wathikra liolee alalbabi
En Wij gaven hem zijn familie (die hij was verloren terug, in het hiernamaals), en met hen het gelijke daaraan, als een genade van Ons en een herinnering voor degenen die begrijpen.
-
وَخُذْ بِيَدِكَ ضِغْثًا فَٱضْرِب بِّهِۦ وَلَا تَحْنَثْ ۗ إِنَّا وَجَدْنَـٰهُ صَابِرًا ۚ نِّعْمَ ٱلْعَبْدُ ۖ إِنَّهُۥٓ أَوَّابٌ٤٤
Wakhuth biyadika dighthan faidrib bihi wala tahnath inna wajadnahu sabiran niʿma alʿabdu innahu awwabun
“En neem een bundel dun gras in jou hand en sla daarmee en verbreek je eed niet. “Waarlijk! Wij hebben hem geduldig bevonden. Wat een uitmuntende dienaar! Waarlijk, hij keerde zich altijd in berouw (tot Ons)!
-
وَٱذْكُرْ عِبَـٰدَنَآ إِبْرَٰهِيمَ وَإِسْحَـٰقَ وَيَعْقُوبَ أُو۟لِى ٱلْأَيْدِى وَٱلْأَبْصَـٰرِ٤٥
Waothkur ʿibadana ibraheema waishaqa wayaʿqooba olee alaydee waalabsari
En gedenk Onze dienaren: Ibraahiem, Isaac en Yacoeb, (alle) eigenaren van kracht en van religieus begrip.
-
إِنَّآ أَخْلَصْنَـٰهُم بِخَالِصَةٍ ذِكْرَى ٱلدَّارِ٤٦
Inna akhlasnahum bikhalisatin thikra alddari
Waarlijk, Wij hebben hen uitverkoren door hen (iets goeds) te geven, het gedenken van het huis( van het hiernamaals).
-
وَإِنَّهُمْ عِندَنَا لَمِنَ ٱلْمُصْطَفَيْنَ ٱلْأَخْيَارِ٤٧
Wainnahum ʿindana lamina almustafayna alakhyari
En zij zijn in Ons aangezicht, waarlijk, van de uitverkorenen en de besten!
-
وَٱذْكُرْ إِسْمَـٰعِيلَ وَٱلْيَسَعَ وَذَا ٱلْكِفْلِ ۖ وَكُلٌّ مِّنَ ٱلْأَخْيَارِ٤٨
Waothkur ismaʿeela wailyasaʿa watha alkifli wakullun mina alakhyari
En gedenk Ismaël, en Elyisha en Dhoel Kifl, allen behoren tot de besten.
-
هَـٰذَا ذِكْرٌ ۚ وَإِنَّ لِلْمُتَّقِينَ لَحُسْنَ مَـَٔابٍ٤٩
Hatha thikrun wainna lilmuttaqeena lahusna maabin
Dit (de Koran) is een herinnering, en waarlijk, voor degenen die godvrezend zijn, is een goede terugkeer.
-
جَنَّـٰتِ عَدْنٍ مُّفَتَّحَةً لَّهُمُ ٱلْأَبْوَٰبُ٥٠
Jannati ʿadnin mufattahatan lahumu alabwabu
Eeuwige tuinen (van het ‘Adn-paradijs) wiens deuren voor hen geopend worden.
-
مُتَّكِـِٔينَ فِيهَا يَدْعُونَ فِيهَا بِفَـٰكِهَةٍ كَثِيرَةٍ وَشَرَابٍ٥١
Muttakieena feeha yadʿoona feeha bifakihatin katheeratin washarabin
Daarin zullen zij achteroverleunend (op rustbanken), daarin zullen zij om overvloedig fruit en drank vragen;
-
۞ وَعِندَهُمْ قَـٰصِرَٰتُ ٱلطَّرْفِ أَتْرَابٌ٥٢
Waʿindahum qasiratu alttarfi atrabun
En naast hen zijn kuise vrouwen die hun blikken slechts voor hun echtgenoten behouden (en) van gelijke leeftijd.
-
هَـٰذَا مَا تُوعَدُونَ لِيَوْمِ ٱلْحِسَابِ٥٣
Hatha ma tooʿadoona liyawmi alhisabi
Dit is wat jullie beloofd is op de Dag van de Afrekening!
-
إِنَّ هَـٰذَا لَرِزْقُنَا مَا لَهُۥ مِن نَّفَادٍ٥٤
Inna hatha larizquna ma lahu min nafadin
Waarlijk, dit is Onze voorziening die nooit zal eindigen;
-
هَـٰذَا ۚ وَإِنَّ لِلطَّـٰغِينَ لَشَرَّ مَـَٔابٍ٥٥
Hatha wainna lilttagheena lasharra maabin
Zo is het! Maar voor de ‘overtreders’ - zal er een slechte terugkeer zijn,-
-
جَهَنَّمَ يَصْلَوْنَهَا فَبِئْسَ ٱلْمِهَادُ٥٦
Jahannama yaslawnaha fabisa almihadu
De hel! Waar zij zullen branden, en dat is (zeker) een slechte rustplaats!
-
هَـٰذَا فَلْيَذُوقُوهُ حَمِيمٌ وَغَسَّاقٌ٥٧
Hatha falyathooqoohu hameemun waghassaqun
Zo is het! Laat hen het dan proeven, - een kokende vloeistof en smerige etter.
-
وَءَاخَرُ مِن شَكْلِهِۦٓ أَزْوَٰجٌ٥٨
Waakharu min shaklihi azwajun
En andere bestraffingen die soortgelijk zijn, - allen tezamen!
-
هَـٰذَا فَوْجٌ مُّقْتَحِمٌ مَّعَكُمْ ۖ لَا مَرْحَبًۢا بِهِمْ ۚ إِنَّهُمْ صَالُوا۟ ٱلنَّارِ٥٩
Hatha fawjun muqtahimun maʿakum la marhaban bihim innahum saloo alnnari
Dit is een groep die samen met jullie binnenkomt, er is geen welkom voor hen! Waarlijk, zij zullen in het vuur branden!
-
قَالُوا۟ بَلْ أَنتُمْ لَا مَرْحَبًۢا بِكُمْ ۖ أَنتُمْ قَدَّمْتُمُوهُ لَنَا ۖ فَبِئْسَ ٱلْقَرَارُ٦٠
Qaloo bal antum la marhaban bikum antum qaddamtumoohu lana fabisa alqararu
Zij zeggen: “Nee, jullie ook (die niet welkom zijn)! Er is geen welkom voor jullie! Jullie zijn het die ons dit hebben gebracht, een kwade plaats is het hier dus om te verblijven!”
-
قَالُوا۟ رَبَّنَا مَن قَدَّمَ لَنَا هَـٰذَا فَزِدْهُ عَذَابًا ضِعْفًا فِى ٱلنَّارِ٦١
Qaloo rabbana man qaddama lana hatha fazidhu ʿathaban diʿfan fee alnnari
Zij zullen zeggen: “Onze Heer! Wie ons dit ook gebracht heeft, geef hem een dubbele bestraffing in het vuur!”
-
وَقَالُوا۟ مَا لَنَا لَا نَرَىٰ رِجَالًا كُنَّا نَعُدُّهُم مِّنَ ٱلْأَشْرَارِ٦٢
Waqaloo ma lana la nara rijalan kunna naʿudduhum mina alashrari
En zij zullen zeggen: “Wat scheelt ons dat wij geen mensen zien die wij onder de slechte indeelden?
-
أَتَّخَذْنَـٰهُمْ سِخْرِيًّا أَمْ زَاغَتْ عَنْهُمُ ٱلْأَبْصَـٰرُ٦٣
Attakhathnahum sikhriyyan am zaghat ʿanhumu alabsaru
Hebben wij hen als onderwerp van onze bespotting genomen, of waren (onze) ogen niet in staat hen te zien?”
-
إِنَّ ذَٰلِكَ لَحَقٌّ تَخَاصُمُ أَهْلِ ٱلنَّارِ٦٤
Inna thalika lahaqqun takhasumu ahli alnnari
Waarlijk, dit is de echte waarheid, - het onderlinge gesprek van de mensen van het vuur!
-
قُلْ إِنَّمَآ أَنَا۠ مُنذِرٌ ۖ وَمَا مِنْ إِلَـٰهٍ إِلَّا ٱللَّهُ ٱلْوَٰحِدُ ٱلْقَهَّارُ٦٥
Qul innama ana munthirun wama min ilahin illa Allahu alwahidu alqahharu
Zeg: “Ik ben slechts een waarschuwer en er is geen god behalve Allah. de Ene, de Onweerstaanbare,-
-
رَبُّ ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ وَمَا بَيْنَهُمَا ٱلْعَزِيزُ ٱلْغَفَّـٰرُ٦٦
Rabbu alssamawati waalardi wama baynahuma alʿazeezu alghaffaru
De Heer van de hemelen en de aarde en alles wat daar tussen is, de Almachtige, de meest Vergevende.”
-
قُلْ هُوَ نَبَؤٌا۟ عَظِيمٌ٦٧
Qul huwa nabaon ʿatheemun
Zeg: “Dat is groot nieuws.
-
أَنتُمْ عَنْهُ مُعْرِضُونَ٦٨
Antum ʿanhu muʿridoona
Waarvan jullie je afkeren!
-
مَا كَانَ لِىَ مِنْ عِلْمٍۭ بِٱلْمَلَإِ ٱلْأَعْلَىٰٓ إِذْ يَخْتَصِمُونَ٦٩
Ma kana liya min ʿilmin bialmalai alaʿla ith yakhtasimoona
Ik heb geen kennis van de Verheven vooraanstaanden (de Engelen), wanneer zij redetwisten en discussiëren.
-
إِن يُوحَىٰٓ إِلَىَّ إِلَّآ أَنَّمَآ أَنَا۠ نَذِيرٌ مُّبِينٌ٧٠
In yooha ilayya illa annama ana natheerun mubeenun
Slechts is mij geopenbaard, dat ik een duidelijke waarschuwer ben.”
-
إِذْ قَالَ رَبُّكَ لِلْمَلَـٰٓئِكَةِ إِنِّى خَـٰلِقٌۢ بَشَرًا مِّن طِينٍ٧١
Ith qala rabbuka lilmalaikati innee khaliqun basharan min teenin
(Gedenk) toen jullie Heer tegen de engelen zei: “Waarlijk, Ik ga de mens uit klei scheppen.”
-
فَإِذَا سَوَّيْتُهُۥ وَنَفَخْتُ فِيهِ مِن رُّوحِى فَقَعُوا۟ لَهُۥ سَـٰجِدِينَ٧٢
Faitha sawwaytuhu wanafakhtu feehi min roohee faqaʿoo lahu sajideena
Toen Ik hem dus gemodelleerd had en in hem blies van mijn ziel (de ziel die door die door Allah geschapen was) dan knielen jullie voor hem neer.”
-
فَسَجَدَ ٱلْمَلَـٰٓئِكَةُ كُلُّهُمْ أَجْمَعُونَ٧٣
Fasajada almalaikatu kulluhum ajmaʿoona
Dus knielden de engelen allemaal neer,
-
إِلَّآ إِبْلِيسَ ٱسْتَكْبَرَ وَكَانَ مِنَ ٱلْكَـٰفِرِينَ٧٤
Illa ibleesa istakbara wakana mina alkafireena
Behalve Iblies, hij was trots en was één van de ongelovigen.
-
قَالَ يَـٰٓإِبْلِيسُ مَا مَنَعَكَ أَن تَسْجُدَ لِمَا خَلَقْتُ بِيَدَىَّ ۖ أَسْتَكْبَرْتَ أَمْ كُنتَ مِنَ ٱلْعَالِينَ٧٥
Qala ya ibleesu ma manaʿaka an tasjuda lima khalaqtu biyadayya astakbarta am kunta mina alʿaleena
(Allah) zei: “”O Iblies! Wat weerhoud je om voor degene die Ik met Mijn beide Handen1 geschapen heb, neer te knielen? Ben jij te trots of ben jij één van hen die hoog verheven is?”
Voetnoten
[1] Dit is eerder uitgelegd, over hoe de metgezellen de eigenschappen van Allah aanvaarden zonder deze te verdraaien. -
قَالَ أَنَا۠ خَيْرٌ مِّنْهُ ۖ خَلَقْتَنِى مِن نَّارٍ وَخَلَقْتَهُۥ مِن طِينٍ٧٦
Qala ana khayrun minhu khalaqtanee min narin wakhalaqtahu min teenin
(Iblies) zei: “Ik ben beter dan hem, U heeft mij uit vuur geschapen en U schiep hem van klei.”
-
قَالَ فَٱخْرُجْ مِنْهَا فَإِنَّكَ رَجِيمٌ٧٧
Qala faokhruj minha fainnaka rajeemun
(Allah) zei: "Vertrek hieruit (het paradijs), want waarlijk, jij bent een vervloekte.
-
وَإِنَّ عَلَيْكَ لَعْنَتِىٓ إِلَىٰ يَوْمِ ٱلدِّينِ٧٨
Wainna ʿalayka laʿnatee ila yawmi alddeeni
En waarlijk! Mijn vloek is over jou tot de Dag der Vergelding.”
-
قَالَ رَبِّ فَأَنظِرْنِىٓ إِلَىٰ يَوْمِ يُبْعَثُونَ٧٩
Qala rabbi faanthirnee ila yawmi yubʿathoona
(Iblies) zei: “Mijn Heer! Geef mij uitstel tot de Dag dat de (doden) herrezen zullen worden1.
Voetnoten
[1]dat is het verschil tussen Adam en Iblies. Adam verrichtte berouw, maar Iblies niet. Op wie lijken wij? -
قَالَ فَإِنَّكَ مِنَ ٱلْمُنظَرِينَ٨٠
Qala fainnaka mina almunthareena
(Allah) zei: “Waarlijk! Jij bent één van degenen die uitstel krijgen –
-
إِلَىٰ يَوْمِ ٱلْوَقْتِ ٱلْمَعْلُومِ٨١
Ila yawmi alwaqti almaʿloomi
Tot de Dag van het bekende tijdstip.”
-
قَالَ فَبِعِزَّتِكَ لَأُغْوِيَنَّهُمْ أَجْمَعِينَ٨٢
Qala fabiʿizzatika laoghwiyannahum ajmaʿeena
Hij (Iblies) zei: “Bij Uw macht, dan zal ik ze zeker allen (proberen te) misleiden.
-
إِلَّا عِبَادَكَ مِنْهُمُ ٱلْمُخْلَصِينَ٨٣
Illa ʿibadaka minhumu almukhlaseena
Behalve Uw (gelovige) dienaren die zuiver in hun aanbidding zijn.” (daarom moet de moslim kennis opdoen om zo zuiver te worden)."
-
قَالَ فَٱلْحَقُّ وَٱلْحَقَّ أَقُولُ٨٤
Qala faalhaqqu waalhaqqa aqoolu
(Allah) zei: “De waarheid is, en Ik spreek slechts de waarheid,-
-
لَأَمْلَأَنَّ جَهَنَّمَ مِنكَ وَمِمَّن تَبِعَكَ مِنْهُمْ أَجْمَعِينَ٨٥
Laamlaanna jahannama minka wamimman tabiʿaka minhum ajmaʿeena
Dat Ik de hel met jou (Iblies) en degenen van de mensheid die jou volgen tezamen zal vullen.”
-
قُلْ مَآ أَسْـَٔلُكُمْ عَلَيْهِ مِنْ أَجْرٍ وَمَآ أَنَا۠ مِنَ ٱلْمُتَكَلِّفِينَ٨٦
Qul ma asalukum ʿalayhi min ajrin wama ana mina almutakallifeena
Zeg (o Mohammed): “Ik vraag hier geen loon voor van jullie, noch behoor ik tot de degenen die wat verzinnen.
-
إِنْ هُوَ إِلَّا ذِكْرٌ لِّلْعَـٰلَمِينَ٨٧
In huwa illa thikrun lilʿalameena
Het is slechts een vermaning voor de werelden.
-
وَلَتَعْلَمُنَّ نَبَأَهُۥ بَعْدَ حِينٍۭ٨٨
Walataʿlamunna nabaahu baʿda heenin
En jullie zullen zeker na korte tijd de waarheid weten."
Veelgestelde vragen
In welke juz staat soera Sad?
Soera Sad staat in juz 23.
Hoeveel verzen heeft soera Sad?
Soera Sad telt 88 verzen.
Is soera Sad Mekkaans of Medinaans?
Soera Sad is een Mekkaanse soera.
Welk nummer heeft soera Sad?
Sad is de 38e soera van de Koran.
Bronnen
- Arabic text: Tanzil Quran Text (Uthmani) (Tanzil Project, CC BY 3.0), reproduced without changes.
- Translation: Dutch Islamic Center, from QuranEnc.com, version 2.0.10, reproduced without changes.
- Transliteration: Tanzil.net English transliteration.
- Recitation: Mishary Rashid Alafasy, via QuranicAudio.com and EveryAyah.com.
- Word by word: recordings and meanings from Quran.com (Quran Foundation), played when you tap a word.
- Madinah and IndoPak fonts (Settings): the text in those scripts and their fonts come from the Quran Foundation (Quran.com); the Madinah font is the King Fahd Glorious Quran Printing Complex's Uthmanic Hafs font.
Found a mistake? Report a mistake and we will check it against the source.