سورة المعارج

Soera Al-Maarij in het Nederlands

De opgangen

Mushaf

Mishary Rashid AlafasyMP3 downloadenPDF downloaden

Soera Al-Maarij (المعارج) is de 70e soera van de Koran en telt 44 verzen. De naam betekent ‘De opgangen’. Het is een Mekkaanse soera, geopenbaard in Mekka vóór de Hidjra, en ze staat in juz 29.

Op deze pagina lees je soera Al-Maarij volledig in het Arabisch, vers voor vers met de Nederlandse vertaling van het Dutch Islamic Center en de transliteratie, en kun je naar de recitatie luisteren.

Soera Al-Maarij volledig: Arabisch, Nederlandse vertaling en transliteratie

بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَـٰنِ ٱلرَّحِيمِ

  1. سَأَلَ سَآئِلٌۢ بِعَذَابٍ وَاقِعٍ۝١

    Saala sailun biʿathabin waqiʿin

    Een vragensteller vraagt wanneer een bestraffing zal komen.

  2. لِّلْكَـٰفِرِينَ لَيْسَ لَهُۥ دَافِعٌ۝٢

    Lilkafireena laysa lahu dafiʿun

    Voor de ongelovigen, die niemand kan vermijden.

  3. مِّنَ ٱللَّهِ ذِى ٱلْمَعَارِجِ۝٣

    Mina Allahi thee almaʿariji

    Van Allah, de Heer van de hoge rangen.

  4. تَعْرُجُ ٱلْمَلَـٰٓئِكَةُ وَٱلرُّوحُ إِلَيْهِ فِى يَوْمٍ كَانَ مِقْدَارُهُۥ خَمْسِينَ أَلْفَ سَنَةٍ۝٤

    Taʿruju almalaikatu waalrroohu ilayhi fee yawmin kana miqdaruhu khamseena alfa sanatin

    De engelen en de ziel stijgen naar Hem op in een dag waarvan de dag vijftigduizend jaren is.

  5. فَٱصْبِرْ صَبْرًا جَمِيلًا۝٥

    Faisbir sabran jameelan

    Wees dus geduldig, met groot geduld.

  6. إِنَّهُمْ يَرَوْنَهُۥ بَعِيدًا۝٦

    Innahum yarawnahu baʿeedan

    Waarlijk! Zij zien het (de bestraffing) ver weg.

  7. وَنَرَىٰهُ قَرِيبًا۝٧

    Wanarahu qareeban

    Maar Wij zien het dichtbij.

  8. يَوْمَ تَكُونُ ٱلسَّمَآءُ كَٱلْمُهْلِ۝٨

    Yawma takoonu alssamao kaalmuhli

    De dag waarop de hemel zoals het kokende metaal zal zijn.

  9. وَتَكُونُ ٱلْجِبَالُ كَٱلْعِهْنِ۝٩

    Watakoonu aljibalu kaalʿihni

    En de bergen als gekaarde wol zullen zijn.

  10. وَلَا يَسْـَٔلُ حَمِيمٌ حَمِيمًا۝١٠

    Wala yasalu hameemun hameeman

    En geen vriend zal naar een vriend vragen.

  11. يُبَصَّرُونَهُمْ ۚ يَوَدُّ ٱلْمُجْرِمُ لَوْ يَفْتَدِى مِنْ عَذَابِ يَوْمِئِذٍۭ بِبَنِيهِ۝١١

    Yubassaroonahum yawaddu almujrimu law yaftadee min ʿathabi yawmiithin bibaneehi

    Hoewel zij elkaar kunnen zien, - de misdadiger wil zichzelf vrijkopen van de bestraffing van die dag door zijn kinderen.

  12. وَصَـٰحِبَتِهِۦ وَأَخِيهِ۝١٢

    Wasahibatihi waakheehi

    En zijn echtgenote en zijn broeder

  13. وَفَصِيلَتِهِ ٱلَّتِى تُـْٔوِيهِ۝١٣

    Wafaseelatihi allatee tuweehi

    En zijn verwanten, die hem beschermen.

  14. وَمَن فِى ٱلْأَرْضِ جَمِيعًا ثُمَّ يُنجِيهِ۝١٤

    Waman fee alardi jameeʿan thumma yunjeehi

    En alles wat op aarde is, opdat zij hem mogen redden.

  15. كَلَّآ ۖ إِنَّهَا لَظَىٰ۝١٥

    Kalla innaha latha

    In geen geval! Waarlijk, het zal het hellevuur zijn (ieder heeft zijn plek besteld tijdens zijn wereldse leven gebaseerd op zijn overgave).

  16. نَزَّاعَةً لِّلشَّوَىٰ۝١٦

    Nazzaʿatan lilshshawa

    Het neemt de schedelhuid weg!

  17. تَدْعُوا۟ مَنْ أَدْبَرَ وَتَوَلَّىٰ۝١٧

    Tadʿoo man adbara watawalla

    Roepend ieder die zich afkeert en wegvlucht van de waarheid (noch heeft hij tijd om zijn geloof te leren en ook geen tijd of zin om erna te handelen).

  18. وَجَمَعَ فَأَوْعَىٰٓ۝١٨

    Wajamaʿa faawʿa

    En die bezittingen verzamelde en opborg.

  19. ۞ إِنَّ ٱلْإِنسَـٰنَ خُلِقَ هَلُوعًا۝١٩

    Inna alinsana khuliqa halooʿan

    Waarlijk, de mens is erg ongeduldig geschapen.

  20. إِذَا مَسَّهُ ٱلشَّرُّ جَزُوعًا۝٢٠

    Itha massahu alshsharru jazooʿan

    Geïrriteerd wanneer het kwaad hem raakt.

  21. وَإِذَا مَسَّهُ ٱلْخَيْرُ مَنُوعًا۝٢١

    Waitha massahu alkhayru manooʿan

    En gierig wanneer het goede hem raakt

  22. إِلَّا ٱلْمُصَلِّينَ۝٢٢

    Illa almusalleena

    Behalve degenen die toegewijd in hun gebeden zijn.

  23. ٱلَّذِينَ هُمْ عَلَىٰ صَلَاتِهِمْ دَآئِمُونَ۝٢٣

    Allatheena hum ʿala salatihim daimoona

    Degenen die evenwichtig in hun gebeden blijven.

  24. وَٱلَّذِينَ فِىٓ أَمْوَٰلِهِمْ حَقٌّ مَّعْلُومٌ۝٢٤

    Waallatheena fee amwalihim haqqun maʿloomun

    En in wiens rijkdom een gekend recht is.

  25. لِّلسَّآئِلِ وَٱلْمَحْرُومِ۝٢٥

    Lilssaili waalmahroomi

    Voor de bedelaar die vraagt en voor de bezitloze die niet vraagt.

  26. وَٱلَّذِينَ يُصَدِّقُونَ بِيَوْمِ ٱلدِّينِ۝٢٦

    Waallatheena yusaddiqoona biyawmi alddeeni

    En degenen die in de Dag van de Vergelding geloven.

  27. وَٱلَّذِينَ هُم مِّنْ عَذَابِ رَبِّهِم مُّشْفِقُونَ۝٢٧

    Waallatheena hum min ʿathabi rabbihim mushfiqoona

    En degenen die de bestraffing van hun Heer vrezen.

  28. إِنَّ عَذَابَ رَبِّهِمْ غَيْرُ مَأْمُونٍ۝٢٨

    Inna ʿathaba rabbihim ghayru mamoonin

    Waarlijk! De bestraffing van hun Heer is datgene waarvoor niemand zich veilig voelt.

  29. وَٱلَّذِينَ هُمْ لِفُرُوجِهِمْ حَـٰفِظُونَ۝٢٩

    Waallatheena hum lifuroojihim hafithoona

    En degenen die hun kuisheid behoeden.

  30. إِلَّا عَلَىٰٓ أَزْوَٰجِهِمْ أَوْ مَا مَلَكَتْ أَيْمَـٰنُهُمْ فَإِنَّهُمْ غَيْرُ مَلُومِينَ۝٣٠

    Illa ʿala azwajihim aw ma malakat aymanuhum fainnahum ghayru maloomeena

    Behalve met hun echtgenoten en de die hun handen bezitten – dezen wordt niets verweten.

  31. فَمَنِ ٱبْتَغَىٰ وَرَآءَ ذَٰلِكَ فَأُو۟لَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلْعَادُونَ۝٣١

    Famani ibtagha waraa thalika faolaika humu alʿadoona

    Maar iedereen die meer zoekt dan dezen, dan zijn zij degenen die tot de overtreders behoren.

  32. وَٱلَّذِينَ هُمْ لِأَمَـٰنَـٰتِهِمْ وَعَهْدِهِمْ رَٰعُونَ۝٣٢

    Waallatheena hum liamanatihim waʿahdihim raʿoona

    En degenen die trouw blijven in hun zaken.

  33. وَٱلَّذِينَ هُم بِشَهَـٰدَٰتِهِمْ قَآئِمُونَ۝٣٣

    Waallatheena hum bishahadatihim qaimoona

    En degenen die ferm staan bij hun getuigenissen.

  34. وَٱلَّذِينَ هُمْ عَلَىٰ صَلَاتِهِمْ يُحَافِظُونَ۝٣٤

    Waallatheena hum ʿala salatihim yuhafithoona

    En degenen die goed over hun gebeden waken (ook op werk en op school, want niks is belangrijker en groter dan Allah).

  35. أُو۟لَـٰٓئِكَ فِى جَنَّـٰتٍ مُّكْرَمُونَ۝٣٥

    Olaika fee jannatin mukramoona

    Zij zijn het die geëerd in de tuinen zullen verblijven.

  36. فَمَالِ ٱلَّذِينَ كَفَرُوا۟ قِبَلَكَ مُهْطِعِينَ۝٣٦

    Famali allatheena kafaroo qibalaka muhtiʿeena

    Dus wat scheelt degenen die ongelovig zijn dat zij zich haasten om naar jou (de Profeet Mohammed vrede zij met hem) te luisteren, zodat zij jou kunnen verloochenen en jou en Allah Zijn Boek bespotten.

  37. عَنِ ٱلْيَمِينِ وَعَنِ ٱلشِّمَالِ عِزِينَ۝٣٧

    ʿAni alyameeni waʿani alshshimali ʿizeena

    In groepen aan de rechter- en linkerzijde van jou?

  38. أَيَطْمَعُ كُلُّ ٱمْرِئٍ مِّنْهُمْ أَن يُدْخَلَ جَنَّةَ نَعِيمٍ۝٣٨

    Ayatmaʿu kullu imriin minhum an yudkhala jannata naʿeemin

    Hoopt iedere man van hen de tuinen der vreugde te betreden?

  39. كَلَّآ ۖ إِنَّا خَلَقْنَـٰهُم مِّمَّا يَعْلَمُونَ۝٣٩

    Kalla inna khalaqnahum mimma yaʿlamoona

    Nee! Dat is niet zo! Waarlijk, Wij hebben hen uit datgene wat zij weten geschapen!

  40. فَلَآ أُقْسِمُ بِرَبِّ ٱلْمَشَـٰرِقِ وَٱلْمَغَـٰرِبِ إِنَّا لَقَـٰدِرُونَ۝٤٠

    Fala oqsimu birabbi almashariqi waalmagharibi inna laqadiroona

    Dus ik zweer bij de Heer van het oosten en in het westen, dat Wij zeker in staat zijn –

  41. عَلَىٰٓ أَن نُّبَدِّلَ خَيْرًا مِّنْهُمْ وَمَا نَحْنُ بِمَسْبُوقِينَ۝٤١

    ʿAla an nubaddila khayran minhum wama nahnu bimasbooqeena

    Om hen te vervangen door (anderen) die beter zijn dan hen; en niemand kan aan ons ontsnappen.

  42. فَذَرْهُمْ يَخُوضُوا۟ وَيَلْعَبُوا۟ حَتَّىٰ يُلَـٰقُوا۟ يَوْمَهُمُ ٱلَّذِى يُوعَدُونَ۝٤٢

    Fatharhum yakhoodoo wayalʿaboo hatta yulaqoo yawmahumu allathee yooʿadoona

    Laat hen zich in ijdele taal vermaken en wat spelen, tot voor hen de dag aanbreekt die hen beloofd is.

  43. يَوْمَ يَخْرُجُونَ مِنَ ٱلْأَجْدَاثِ سِرَاعًا كَأَنَّهُمْ إِلَىٰ نُصُبٍ يُوفِضُونَ۝٤٣

    Yawma yakhrujoona mina alajdathi siraʿan kaannahum ila nusubin yoofidoona

    De dag waarop zij zo snel uit hun graven zullen komen alsof zij naar hun stenen beelden haasten zoals ze dat deden in deze wereld (de afgodenaanbidders).

  44. خَـٰشِعَةً أَبْصَـٰرُهُمْ تَرْهَقُهُمْ ذِلَّةٌ ۚ ذَٰلِكَ ٱلْيَوْمُ ٱلَّذِى كَانُوا۟ يُوعَدُونَ۝٤٤

    Khashiʿatan absaruhum tarhaquhum thillatun thalika alyawmu allathee kanoo yooʿadoona

    Met hun blikken in angst en vernedering neergeslagen, de schandelijkheid bedekt hen! Dat is de dag die hen beloofd is!

Veelgestelde vragen

Wat betekent de naam van soera Al-Maarij?

Al-Maarij betekent ‘De opgangen’.

In welke juz staat soera Al-Maarij?

Soera Al-Maarij staat in juz 29.

Hoeveel verzen heeft soera Al-Maarij?

Soera Al-Maarij telt 44 verzen.

Is soera Al-Maarij Mekkaans of Medinaans?

Soera Al-Maarij is een Mekkaanse soera.

Welk nummer heeft soera Al-Maarij?

Al-Maarij is de 70e soera van de Koran.

Bronnen

  • Arabic text: Tanzil Quran Text (Uthmani) (Tanzil Project, CC BY 3.0), reproduced without changes.
  • Translation: Dutch Islamic Center, from QuranEnc.com, version 2.0.10, reproduced without changes.
  • Transliteration: Tanzil.net English transliteration.
  • Recitation: Mishary Rashid Alafasy, via QuranicAudio.com and EveryAyah.com.
  • Word by word: recordings and meanings from Quran.com (Quran Foundation), played when you tap a word.
  • Madinah and IndoPak fonts (Settings): the text in those scripts and their fonts come from the Quran Foundation (Quran.com); the Madinah font is the King Fahd Glorious Quran Printing Complex's Uthmanic Hafs font.

Found a mistake? Report a mistake and we will check it against the source.

Leesinstellingen

Koranlettertype
Lettergrootte Arabisch
100%
Lettergrootte vertaling
100%
Thema

Zet op beginscherm

ReadSurahOpen ReadSurah schermvullend vanaf je startscherm. Soera’s die je al hebt gelezen, openen ook zonder internet.

  1. Tik in Safari op de deelknop. Op nieuwere iPhones staat die in het •••-menu.
  2. Tik op ‘Zet op beginscherm’. Scrol omlaag als je het niet ziet.
  3. Tik op ‘Voeg toe’.